Posts tonen met het label stripverhalen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stripverhalen. Alle posts tonen

14 mei 2019

‘Het hele leven in één keer’ van Keith Stuart


Tom woont met zijn dochter Hannah in Somerset.  Zijn vrouw Elizabeth is tien jaar geleden vertrokken om een carrière in de zakenwereld op te bouwen. Tom en Hannah redden het prima. Hij is werkzaam als directeur van een klein theater, Hannah zit inmiddels in de eindexamenklas van de middelbare school.  Hannah brengt veel van haar vrije tijd door in het theater,  het is haar tweede thuis. Met de mensen van de toneelgroep heeft ze een sterke band, vooral de oudste van het gezelschap, de 81 jarige Margaret  is een vertrouwenspersoon. 

Schrikbeeld
Toch zijn er zorgen: Hannah is hartpatiënt, ze heeft een zeldzame hartziekte en haar conditie gaat zienderogen achteruit.  Nadenken over de toekomst is voor haar een schrikbeeld, hoelang heeft ze nog te leven?  Ze plant niet verder dan een paar dagen vooruit.  Dat heeft zijn weerslag op  relaties met de mensen om haar heen.  Hoe zal het met haar vader gaan als zij er niet meer is? Ze heeft heel goed in de gaten dat zij, buiten het theater om,  het middelpunt van zijn wereld is. Vriendinnen en vriendjes, ze geeft om ze maar houdt ze ook op afstand.

Als dan ook het theater in zwaar weer raakt, de gemeente wil het sluiten en op dezelfde plek appartementen bouwen, lijkt de wereld van Tom en Hannah in te storten. Waar Tom min of meer bij de pakken neer gaat zitten is het  Hannah die met onvermoede krachten een reddingsactie in gang zet. Zal ze slagen en het theater openhouden?  Of is dit het definitieve einde van hun gelukkige leven in Somerset.

Puberbrein
Met veel humor en warmte tekent Keith Stuart vader en dochter en de mensen om hen heen.  Tom’s zorgen om Hannah’s gezondheid zijn goed getroffen, Hannah’s puberbrein is levensecht.  Mooi uitgewerkte karakters, een goede verhaallijn en de gesprekken over theater en literatuur maken ‘Het hele leven in één keer’ een hartverwarmend boek.  Eerder verscheen van Stuart de roman ‘Blokkenjongen’ in het Nederlands.

20 maart 2018

‘Wat je gelooft is waar: wijze woorden uit het leven van een heer’ van Pim Oosterheert


Een heer van stand heeft altijd zijn woordje klaar. Dat blijkt wel uit dit omvangrijke boek over Olivier B. Bommel.  Pim Oosterheert geeft na een inleiding over de verschillende rollen van heer Bommel [ opvoeder, vriend, omgang met het andere geslacht],  Rommeldam en zijn bewoners [ het kapitaal, de geleerdigheid, de zielszorg] en Het donkere Bomenbos en de Zwarte Bergen honderden citaten van Bommel en de overige bewoners van de strips. Al die citaten komen uit de hoed van schrijver en tekenaar van de Bommelstrips Marten Toonder.  Toonder heeft met de Bommelsaga heel veel nieuwe woorden en uitdrukkingen in het Nederlands gebracht: minkukel, denkraam, bovenbazen,  kommer en kwel zijn enkele voorbeelden.  Het leverde hem de literaire Tollensprijs op en in 1995 werd hij benoemd tot erelid van het Genootschap Onze Taal.  

Bommelmuseum
Oosterheert ordent de citaten aan de hand van een aantal hoofdonderwerpen, beginnend met ‘gezag, ambtenarij, recht en onrecht’ en eindigend met wijze uitspraken. Tussendoor zijn dan onder andere vervoer, status en standsbesef, Bijbeltaal, geweld en misdaad aan de orde geweest. Veel citaten worden vergezeld van de  bijbehorende striptekening en een verwijzing naar verhaalnummer en bladzijde. Een overzicht van alle 177 Bommelstrips en een literatuurlijst van boeken over Marten Toonder en Olivier B. Bommel vervolmaken dit brede citatenoverzicht. Oosterheert is de stichter en beheerder van het Bommelmuseum in Zoeterwoude.

Vermakelijkheidstaxatie
En om bij de actualiteit van vandaag, de gemeenteraadsverkiezingen te blijven een paar citaten die politici mogelijk kunnen gebruiken. Voor een burgemeester:  “laat mij maar begaan. Ik druk hem wel naar de achtergrond. Dat soort dingen ben ik gewend in mijn ambt”. Of “Moeilijkheden zijn er altijd. Wet is wet. Maar men moet op de mazen letten”. Voor politici aan het roer:  “Goed is wat de meerderheid denkt. Slecht is wat de minderheid denkt. Maar als de meerderheid iets slecht vindt, is het slecht, zelfs als het goed is”.  In Bommeliaanse taal : het is bepaald geen consideratiebevorderende overheidscommunicatie maar wel een voorbeeld van abusievelijk verkeerd gekalendeerde afzetbelasting die met een betere vermakelijkheidstaxatie van de zorgdrempel de limitatieve leefbaarheid van een gemeente had kunnen verhogen.