Posts tonen met het label Jeugdboek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jeugdboek. Alle posts tonen

9 december 2025

‘Plassen op schrikdraad’ van Simon van der Geest

Simon van der Geest is een veelzijdige auteur. Won twee Gouden Griffels en één zilveren. Schrijft boeken, gedichten en theaterteksten. Zijn nieuwste boek is ‘Plassen op schrikdraad’, gedichten die geïllustreerd zijn door Karst- Janneke Rogaar.   

Het eerste gedicht is een geweldige binnenkomer. “Vandaag nam ik eens een andere route Ik had zin om eens goed te verdwalen”.  Hij loopt door de stad, komt bij een ruimtebasis en vertrekt naar een andere planeet. Beleeft van alles, komt thuis en ziet daar zijn uitgebluste vader: “Zeg pap, verdwaal jij wel genoeg?” Daarna volgt het plassen op het schrikdraad, een soort van initiëring. Het levert hem de heldennaam Elektroman op. 

Bankjezitten

Het vraagt leeuwenmoed om samen met zijn zusje bij de buurman aan te bellen om een bal terug te halen: ‘twee angsthazen maken samen toch een piepklein leeuwtje’. Of om van de hoge af te duiken. Of om over een boomstam over een sloot te lopen. ‘Horizin’ is een geweldige opsteker voor iedereen die moeite met lezen heeft. Allereerst is er het woord zelf, horizin past beter bij horizon, want de horizon is meestal langgerekt als een zin. Alles wat hij ziet kan hij in één adem opnoemen. Maar op school zinnen lezen is andere koek. Op papier zijn de letters stijf en stom. Verzuipt hij in het moeras van samenklanken. Vriend Tim heeft een telefoon gekregen. Buitenspelen verwordt tot bankjezitten. Met moeite krijgt hij Tim zover dat hij even meebouwt aan een hut. Na drie balken heeft hij al geen zin meer. En zo vervliegt de tijd tot niets. Volgend jaar, als hijzelf een telefoon krijgt, zombiet hij met Tim mee.   

Simon van der Geest weet met zijn rake bewoordingen en sfeertekeningen een wereld te openen waarin al die prachtige woorden als horizin, bankjezitten of zombiet vanzelfsprekend zijn. Een wereld van een tienjarige, die als hij genoeg van het gezeur heeft met een bootje vertrekt: 

Bootje

“Als je nu niet stopt /  met zeuren aan mijn kop / pak ik mijn bootje / pleur het in een slootje / en peddel zonder om te kijken / helemaal naar zee! 

En als je zegt: / Dat haal je nooit / je bent pas tien / zeg ik: O, nee? / Dat zullen we / nog weleens zien…..” 

Voor Holland Opera en Duda Pavia Company schreef Van der Geest een nieuwe bewerking van ‘De Bremer Stadsmuzikanten’. Dit is in december te zien in Amersfoort, begin volgend jaar gaat de voorstelling op tournee en doet op zondag 8 februari De Spiegelzaal in Zwolle aan.

7 oktober 2025

‘De wonderverteller’ van Lida Dijkstra

Deze week de winnaar van de Gouden Griffel en van de Jonge Beckmanprijs voor het beste jeugdboek in het genre geschiedenis. 

Reisjas

De dertienjarige Maria della Pietra werkt in 1298 in de gevangenis in Genua. Als vondeling kwam ze bij de nonnen terecht, ze vroeg te veel, was te luidruchtig voor het klooster, daarom is ze hiernaartoe gestuurd. In de gevangenis zit Marco Polo, na een nederlaag in de strijd tussen Genua en Venetië is hij hier opgeborgen. Hij zit er voor die tijd luxueus, grote zaal, veel bezoek en hij is altijd vriendelijk. Behalve het moment dat de cipiers zijn reisjas weghalen. Furieus is hij, het helpt niets. Maria brengt hem zijn eten, blijft lang bij zijn cel rondhangen, geniet van de verhalen die ze stiekem aanhoort. Dat is beter dan de vloeren schrobben. 

Muisje

Het duurt niet lang voor Marco Polo haar opmerkt. Want ook bij hem kan ze haar mond niet houden, er liggen altijd vragen op het puntje van haar tong. Topina noemt hij haar, muisje. Ze proeft die naam, het past bij haar, onzichtbaar als een muisje gaat ze door de gangen van de gevangenis. Dankzij haar komt Marco Polo in contact met Rustichello da Pisa, een medegevangene die de hele dag schrijft. Een cel vol met perkamenten vellen heeft, een pot met ganzenveren en zijn eigen inkt maakt. Alleen met die materialen is hij rustig, kan hij zijn verhalen opschrijven. Het lukt Topina de sleutels van beider cellen na te laten maken en ’s avonds als het rustig is, brengt ze Rustichello naar Messer Marco toe. Zelf zit ze dan in een hoekje met open mond te luisteren naar de reizen die Marco Polo heeft gemaakt. Over water en door woestijnen helemaal naar Cambalu en Shangdu in wat nu China is. Op zoek naar de heerser van het grootste rijk in het verre oosten, de kleinzoon van Djenghis Khan. 

Fantastisch taalgebruik

Lida Dijkstra heeft een prachtige manier gevonden de avonturen van Marco Polo weer te geven. Spannend, met uitleg in aparte kolommen. Haar taalgebruik is fantastisch. Wie een woord als beviezevoetstapt kan verzinnen, wie een oorlog kan omschrijven zoals zij dat doet, heeft mijn hart gestolen. De mooie illustraties van Djenné Fila, de verklarende woordenlijst en de kaart van de reis maken dit een (jeugd)roman voor iedereen die van geschiedenis, van avonturen en van spannende verhalen houdt.  

3 juni 2025

‘Het laatste jaar’ van Matt Goodfellow

Voor de kinderen van groep 8 was het afgelopen schooljaar het laatste jaar. Een jaar waar ze naar uitgekeken hebben, want ze gaan straks van school af. Maar ook een zwaar jaar, de laatste stap voor de middelbare school, huiswerk en soms bijles, ze gaan knallen en doen er nog een schepje bovenop. Tenminste, zo kijkt Nate ertegenaan als hij van groep 7 naar groep 8 gaat. Hij hoopt dat hij niet bij die strenge juf in de klas komt. En dat zijn grote vriend PS in dezelfde klas komt. 

Bingo en wijn

Het eerste lukt, Nate komt bij Meneer Joshua, PS in de andere klas. Meneer Joshua is meteen heel positief over hem. In tegenstelling tot de andere leerkrachten. Want Nate heeft ‘Een Beest’ in zijn lijf. Hij kan zo ontzettend kwaad worden, gewoon imploderen en extreem uithalen. Nate heeft het sowieso niet zo makkelijk. Zijn moeder is nog heel jong, heeft drie kinderen van drie verschillende vaders, houdt van bingo en wijn, laat de verzorging van de jongsten graag aan Nate over.  

Meneer Joshua

Na de grote vakantie dreigt het helemaal mis te gaan. Nate’s kleine broertje Dylan wordt ziek, blijkt een zeldzame hartziekte te hebben en wordt maandenlang in het ziekenhuis opgenomen. Nate is vreselijk bezorgd, gelukkig is er tante San die bij hen komt. Op school gaat het niet geweldig maar meneer Joshua weet Nate altijd te kalmeren, leert hem hoe hij met ‘Het Beest’ om kan gaan. 

Stof om verder te praten

Matt Goodfellow weet de problematiek rond Nate en zijn gezin schitterend te verwoorden. Het taalgebruik is zeer poëtisch, soms lijkt het wel een rap. Nate weet zich namelijk in dichtvorm heel goed uit te drukken. Wat hij niet vertellen kan over ‘Het Beest’ of over zijn zorgen rond Dylan, komt dankzij zijn poëtische pen toch naar buiten. In meneer Joshua heeft hij een geweldige meester die hem begrijpt en stimuleert door te gaan met het opschrijven van zijn gevoelens. Zelf heb ik het boek voorgelezen aan een kleinzoon die ook een heel kort lontje heeft. We hebben er samen van genoten, het gaf veel herkenning en veel stof om verder te praten. De vele zwart-wit illustraties zijn een essentieel onderdeel van het verhaal. Al met al is het een prachtig cadeau voor wie van school afgaat en het hoort zeker in elke schoolbibliotheek thuis.

1 april 2025

'Zarafa’ van Barbara Rottiers

De giraf Zarafa is een geschenk van de Pasja van Egypte aan de koning van Frankrijk, Karel X. De Fransen hebben in het begin van de negentiende eeuw een fascinatie voor Egypte. Napoleon is één van de aanjagers voor deze adoratie.  Er zijn veel opgravingen van oude tempels en graftombes, de sfinx van Gizeh wordt gevonden en de hiërogliefen worden eindelijk ontcijferd. Door zijn oorlogszuchtige beleid was de Pasja in ongenade gevallen bij de koning. Om dat te veranderen bedacht hij een kostbaar en zeer bijzonder cadeau: een giraf. 

Regenjas en schoenen

Eerst moest het beest nog gevangen worden, in Soedan. Het was nog een kalf, werd bij de moeder weggehaald die daarna doodgestoken werd. Langs de Nijl ging het richting Alexandrië, daarna op de boot naar Marseille en vervolgens weken in quarantaine vanwege de pest.  Aansterken en acclimatiseren in de stad zelf, waarna een voettocht naar Parijs volgt. De Fransen zijn stapelgek op het dier. Overal lopen dorpsbewoners en stedelingen te hoop om dit extravagante dier te bewonderen, ze wordt als een rockster onthaald.  Zarafa wordt goed verzorgd, ze krijgt zelfs een regenjas en schoenen om haar tegen het weer in Frankrijk te beschermen. Uit Egypte zijn Hassan en Atir meegekomen, hun inzet komt goed van pas. Vooral Atir kan prima met haar overweg en weet wat een giraf graag eet en hoe gevoelig ze is. Na aankomst in Parijs leeft Zarafa nog achttien jaar, uitzonderlijk lang voor een giraf in gevangenschap. 

Charme

Barbara Rottiers heeft een prachtig concept gevonden om dit verhaal te vertellen. Zo is zijzelf aan het woord maar neemt Zarafa de hoofdmoot voor haar rekening. Daarnaast is er Pieter, dierverzorger van de giraffes in een dierentuin in West-Vlaanderen die alles over de dieren weet. Wordt er geciteerd uit het dagboek dat Hassan bijhield, zijn er brieven, interviews en grappige opmerkingen. Maar bovenal zijn er haar illustraties, lief, zacht, komisch, zij onderstrepen het verhaal niet alleen maar zijn bijna een verhaal op zich. Rottiers is een Vlaamse, haar taalgebruik is navenant. Een enkele lezer kan zich daar mogelijk aan storen, voor velen zal het dit boek echter extra charme geven. 

Zarafa was al eens eerder hoofdpersoon in het boek ‘Kom Atir, kom” van Agnita de Ranitz. Klik hier voor die aflevering van Boek van de Week in 2020.

10 december 2024

‘Voor de mooiste’ van Ted van Lieshout

Tien december is de internationale dag van ‘De Rechten van de Mens’. In 1948 nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties een resolutie van deze strekking aan. Sindsdien staan we op die dag stil bij de rechten die ieder mens heeft. In sommige landen betekent dat wat meer dan in andere, in Nederland hebben we artikel 1 van de grondwet waarin die rechten zijn verankerd. 

Wandeling

Ted van Lieshout neemt ons in ‘Voor de mooiste: de geschiedenis is van ons’ mee op een wandeling door de eeuwen heen. Tijdens die wandeling stipt hij gewone mensen aan die door hun houding en acties betekenis hebben gegeven aan de strijd voor gelijkheid. In interview vorm, dat werkt echt geweldig, begint hij met de twistappel van de Griekse godin Eris. Eris is niet uitgenodigd op de bruiloft van Peleus en Thetis. Ze is woedend, gaat toch en gooit een gouden appel tussen de gasten. Op de appel staat, deze is voor de mooiste. En zo loopt die vrolijke bruiloft uit op ruzie en ongemak. Want iedereen wil de mooiste zijn. 

Gouden appel

Nu was Eris natuurlijk geen gewoon mens, maar wel een goed voorbeeld. Allereerst laat Van Lieshout ons ontdekken hoe mensen tegen elkaar uitgespeeld worden, hoe geschiedenis vervalst wordt. Hoe rechters oordelen naar de wet en de geest van de tijd. Hoe een vrouw die slachtoffer is van een man toch veroordeeld wordt omdat zij haar man benadeeld heeft. Want zij is zijn ‘bezit’. 

Vrouwenkleren

Hoe een moedige vrouw in Frankrijk de aanjager van de guillotine vermoordt, hoe Rosa Parks in de VS weigerde op te staan voor een witte man, hoe Harriet Tubman via de Ondergrondse Spooorweg uit slavernij ontsnapt en zelf daarna honderden lotgenoten wist te bevrijden. Hoe Oscar Wilde vanwege homoseksualiteit werd veroordeeld, hoe Frederick Park en Ernest Boulton moesten boeten vanwege het dragen van vrouwenkleren, hoe profvoetballer Thomas Hitzberger pas na afloop van zijn carrière bekend maakte homo te zijn. 

Kijkboek

Dit alles aan de hand van prachtige schilderijen, tekeningen, foto’s, bijna elk voorbeeld wordt door een illustratie begeleid. Het is daarom ook een prachtig kijkboek en een mooi cadeau voor iedereen vanaf 12 jaar. Het is Van Lieshouts wandeling door de geschiedenis, een prachtige tocht met ontroerende en soms heel heftige gebeurtenissen, maar vooral met moedige mensen die volgens hem niet vergeten mogen worden.

12 november 2024

‘De ober en de pinguïn’ van Joukje Akveld en Jan Jutte

Binnenkort staan de feestdagen weer voor de deur. Wie nog op zoek is naar een mooi cadeau voor vier- tot achtjarigen, moet zeker eens een kijkje in dit boek nemen. Zelfs een kind dat niet zo van lezen houdt, zal dit een geweldig boek vinden. 

Restaurant

De pinguïn wil wel eens eten in een echt restaurant. Hij stapt opgewekt naar binnen maar wordt straal genegeerd door de ober. Die wijst alleen naar een bordje aan de muur met daarop een konijn en een dikke rode streep erdoor. De pinguïn weet zijn verbazing niet te verbergen. Verboden voor huisdieren, zegt de ober. Omdat de pinguïn er niet uitziet als een huisdier, sterke reactie van hem, komt hij er toch in. Maar het volgende obstakel komt er al aan: er mag ook niet gerend worden. Alsof de pinguïn dat kan! 

Sardientjes

Aan tafel komt de ober ten langen leste de kaart brengen. Hij moet die oceaankip niet, veel te familiair, noemt hem vriend, op zulke gasten zit de ober niet te wachten. De bestelling wordt genoteerd, voorgerecht: sardientjes, hoofdgerecht: weer sardientjes, toetje: nog een keer sardientjes. En een glas zeewater, met een rietje, schelpjes eruit gezeefd. De ober krabt zich eens achter de oren, vooruit dan maar. 

Strand

Zo blijven de twee elkaar irriteren. Maar als een gast een pinguïn ei wil bestellen, als pinguïn zelf ober wil worden en als ober naar het strand gaat waar pinguïn woont, blijkt dat er toch iets meer is dan alleen irritatie tussen die twee. Dat ze elkaar misschien toch wel mogen, misschien zelfs vrienden kunnen worden. 

Griffel en Penseel

Het verhaal van Akveld en de illustraties van Jutte vormen een prachtig geheel. De tekeningen in zwart-wit met rood en roze als steunkleur, de geestige tekst, de grappige verhaallijn, dit boek is genieten voor groot en klein. Joukje Akveld heeft al tweemaal een Zilveren Griffel ontvangen voor haar boeken, Jan Jutte viel al driemaal de Gouden Penseel ten deel. De samenwerking tussen die twee is heel vruchtbaar, na het prentenboek van het jaar ‘Maximiliaan Modderman geeft een feestje’ doen ze met ‘De ober en de pinguïn’ zeker een gooi naar weer een grote prijs voor een kinderboek.

17 september 2024

‘De zomer die alles was’ van Mariska Overman

Puca heeft zomervakantie. Ze is gelukkig weg uit groep acht, ze kijkt verlangend uit naar de middelbare. Op school werd ze gepest, vanwege haar naam, vanwege nog het één en ander. Ook omdat ze dieren begraaft. In het bos dicht bij haar huis. Haar klasgenoten vonden haar raar, punt uit. Thuis is het ook niet gezellig, haar jongere broer Toff is druk en zeer aanwezig. Dat heeft wel een naam maar die is Puca vergeten. Haar moeder zorgt voor hun tweeën, haar vader is meestal aan het werk in een koud land. En als hij wel thuis is, schreeuwt hij of is niet te genieten. Nu heeft hij bericht gestuurd dat ze naar zee gaan. Puca wil niet, Toff wil niet en eigenlijk wil hun moeder ook niet. 

Klok

Op een ochtend treft ze een jongen in het bos. Hij is nieuw in de straat, ze heeft hem wel eens gezien. Ze raken aan de praat, met hem kan ze gewoon praten. Hij vindt haar antwoorden normaal, kijkt haar niet aan alsof ze een freak is. Eerst is Puca wantrouwend, Rover gedraagt zich zo anders dan haar klasgenoten. Het lijkt te klikken, nu kan ze de dagen wat sneller doorkomen. De tijd ging zo langzaam, zes weken klokkijken of het al wat opschiet, dat is niet te doen. 

Vertragen

Maar voor Rover is het juist andersom. Hij wil de tijd vertragen, zo lang mogelijk over een dag doen. Die dag een beetje leuk doorbrengen. Hij maakt er geen geheim van waarom hij dat wil. Hij gaat namelijk dood, is terminaal ziek, iedere minuut telt voor hem. Puca en Rover trekken steeds meer met elkaar op. Door Rovers houding durft Puca de wereld beter aan. Ze komt veel bij hem, ook als het steeds minder met hem gaat. Een vriendschap die kort zal zijn maar voor Puca een wereld van verschil maakt. 

Kinderwereld

Mariska Overman is docent filosofie en levensbeschouwing. Samen met haar man maakte ze een kaartspel om met kinderen over de dood te praten. ‘De zomer die alles was’ is haar vierde jeugdboek. In een korte, bondige stijl leef je met Puca en Rover mee. Het laat je kennismaken met een kinderwereld die voor ons volwassenen vaak verborgen ligt. Het motto ‘Lees jezelf jong’ is hier dus zeker van toepassing.

21 mei 2024

‘Umbrador’ van Marieke Smithuis

Op de dag voordat ze dertien wordt krijgt Jinna van haar tante Agaath te horen dat haar hond Scharrie, de hond waar ze zoveel van houdt, terug moet naar zijn fokker. Tante Agaath duldt geen tegenspraak. In de tijd dat Jinna nu bij haar woont, heeft ze nog nooit iets aardigs tegen Jinna gezegd. Tante Agaath is alleen maar boos en ontevreden, vooral omdat Jinna zich niet genoeg ontwikkelt in haar ogen. Het enige dat Jinna zelf beseft is dat ze geen schaduw heeft. Dat is raar! 

IJskast

Het is bijna middernacht als Jinna merkt dat Scharrie weg is, ze gaat hem zoeken en vindt hem vastgebonden in de kelder. Bovendien stormt en onweert het daar, hoe kan dit? Als Tante Agaath haar uit de kelder wil praten maakt Jinna in paniek de ijskast open. Tot haar verbazing ligt er niets in, het is de ingang naar een trap die naar beneden gaat. Samen met Scharrie vlucht ze weg en komt in een bos bij een vriendelijk huisje terecht. 

Zo begint haar avontuur in Umbrador. Het land met vier gewesten, voor elk seizoen één. De bewoners zijn schaduwwezens, elke bewoner heeft een eigen schaduw en ook bijzondere vaardigheden.  Doortje is degene die Jinna opvangt, ze kan samen met Scharrie bij haar wonen. Doortje leert Jinna over alles wat eetbaar is in de natuur, welke planten geneeskrachtig zijn, hoe ze zich alleen kan redden.   

Bondgenoot of verrader

Het gevaar komt van de Schaduwvorst Fulgis. Hij heerst over het Wintergewest maar wil ook de andere gewesten veroveren. Hij wordt daarbij geholpen door de draak Nizar die tegenstanders van Fulgis vernietigt en zo dood en verderf zaait. Ook Doortje en Jinna lopen gevaar. En dan komt de dag dat Jinna weer moet vluchten. Samen met Scharrie en de kat Filou die zich ongevraagd bij hen aansluit, begint ze aan een barre tocht die in de hoofdstad Agosta moet eindigen. Maar zal ze de hoofdstad wel bereiken? Wie kan ze onderweg vertrouwen? En Filou, is dat een bondgenoot of een verrader? 

Magisch

Marieke Smithuis werd met dit boek genomineerd voor de Woutertje Pieterse Prijs. Helaas heeft ze die niet gewonnen maar ‘Umbrador’ blijft een heerlijk spannend, avontuurlijk en magisch boek voor iedereen vanaf ongeveer 10 jaar. Zeker voor liefhebbers van Harry Potter en andere magische literatuur.

2 april 2024

‘Bent u daar, God? Ik ben het, Margaret’ van Judy Blume

Begin dit jaar had ik me voorgenomen eens vaker een kinderboek te bespreken, nu is het drie maand verder en dit is pas nummer twee. Zo gaat het soms met goede voornemens.  En dit kinderboek van Judy Blume is ook niet de eerste de beste. In de VS al verschenen in 1970, vijf jaar later vertaald in het Nederlands en daarna nooit echt weggeweest. Een internationale everseller staat er op het boekkaft. Zo is het maar net. 

Verhuizen

Margaret is elf als ze met haar ouders van New York naar een slaapstadje in New Jersey verhuist. In haar beleving is het vooral omdat haar ouders haar verder van haar oma vandaan willen hebben. Margaret is namelijk haar enig kleinkind, oma gaat vaak met haar op stap naar musea en concerten en betaalt ook de dure privéschool voor haar. Vooral haar moeder, de schoondochter van oma, wil dat niet meer.  Zo komen ze in een rustige straat terecht, iets verderop woont Nancy die op de openbare school bij Margaret in de klas komt. 

Stoer of stom

Hoewel Margaret er erg tegenop ziet om naar een nieuwe school te gaan, valt het eigenlijk allemaal heel erg mee. Met Nancy, Janey en Gretchen is ze al snel bevriend, de jongens zijn stoer of stom, één meisje in de klas is al snel uit de gratie en de jonge onderwijzer Meneer Benedict laat zich niet in de luren leggen. 

Uitvogelen

Tot zover verschilt het verhaal niet veel van andere schoolverhalen. Wat het bijzonder maakt is de relatie die Margaret met God onderhoudt. Hoewel ze niet gelovig is, haar vader is joods opgevoed, haar moeder christelijk maar hebben beide het geloof achter zich gelaten, praat ze geregeld met God. Hem stelt ze vragen die ze nergens anders durft te stellen. Niet dat hij antwoordt, nee, ze moet het allemaal zelf uitvogelen. En dat lukt prima, zo verstrijkt haar laatste jaar op de basisschool eigenlijk zonder al te veel hobbels. 

Om in 2024 nog eens terug te kijken naar een opgroeiend meisje in 1970 is niet alleen nostalgisch, ondanks het grote tijdsverschil zijn de gevoelens van een elfjarige nog heel herkenbaar. Het ontbreken van sociale media zal de elfjarige van nu als een gemis zien, voor hun grootmoeders is dit boek echter een feest der herkenning.

9 januari 2024

‘De jongen die van de wereld hield’ van Tjibbe Veldkamp

Een nieuw jaar begint vaak met nieuwe voornemens. Zo ook bij Boek van de Week. Het nieuwe voornemen is om eens vaker een jeugdboek te bespreken. Te beginnen met wat velen als het beste kinderboek van 2023 beschouwen. Een sprookjesachtig en magisch boek over een jongen die nog geboren moet worden. 

Adem

Als op een brug in Paznau een jongeman en een jonge vrouw door de sneeuwval onderuitgaan en elkaar diep in de ogen kijken, gebeurt er iets magisch. Hun mogelijke kind komt tevoorschijn. Niet dat Vaclav en Zdenka dat zelf weten. Hij wil haar graag weerzien, geeft haar een briefje met de mededeling elkaar de volgende dag weer op de brug te ontmoeten. Zij gooit het weg, loopt snel door naar het politiebureau waar ze werkt. Hun mogelijke kind, Adem is zijn (voorlopige) naam pakt het briefje op en volgt Zdenka. Spreekt haar aan, noemt haar mama, smeekt haar de volgende dag te komen. 

Oplichting

De politievrouw in Zdenka ziet een oplichtingstruc in het hele gebeuren.  Ze levert hem af bij de nachtopvang, geeft hem nog wat munten en keert snel terug naar haar werk. In de nachtopvang treft Adem Felix, een jongen gepokt en gemazeld door het straatleven. Adem mag hem wel, vertrouwt hem, maar helaas, Felix kent alleen de wetten van de straat en gaat er met zijn geld vandoor. Hoe nu verder? 

Vrijbuiter

Er zit voor Adem niets anders op dan naar zijn toekomstige vader op zoek te gaan. Vaclav is een vrijbuiter, woont alternatief op een industrieterrein. Leidt een verborgen leven, in tegenstelling tot Zdenka hecht hij min of meer wel geloof aan het verhaal van Adem. Maar kan Adem Zdenka en Vaclav op tijd bij elkaar brengen? Hoeveel tijd heeft hij daarvoor? Kan hij extra tijd krijgen? 

Tjibbe Veldkamp heeft al heel veel boeken op zijn naam staan, vertaalt ook veel kinderboeken uit andere talen. Met dit fantastische boek spreekt hij niet alleen kinderen aan, ook voor volwassenen is dit een geweldig boek om te lezen. Het mooie taalgebruik, de magische setting, ik zou tegen iedereen willen zeggen: lees dit boek, het is zeker de moeite waard. De zwart-wit tekeningen van Mark Janssen, met naast de titelpagina één van de spannendste momenten uit het verhaal, zijn een extra aanmoediging dit boek ter hand te nemen.

6 december 2022

‘De regels van drie’ van Marjolijn Hof

Stel je voor, je bent een jongen (Twan), je hebt een tweelingzus (Linde), een moeder (en een vader die je één weekend in de veertien dagen ziet) en een oma. Jullie zijn met zijn allen (behalve je vader) op reis naar IJsland naar de grootvader van je moeder (jouw overgrootvader). Die woont daar in een minuscuul klein huisje aan een fjord. Het is november, jullie mochten zomaar vrij van school, vanwege ernstige familieomstandigheden. 

Afgrond
In november is het koud op IJsland (het is er altijd koud, het heet niet voor niets IJsland) het sneeuwt en het vriest. De reis van het vliegveld in Reykjavik naar het dorp van opa was doodeng. Met een klein vliegtuigje en met een busje langs een afgrond. Je was al bang voor barre tijden, daarom heb je het grote survivalhandboek meegenomen. Met de regels van drie. Drie seconden, drie minuten, drie uur, drie dagen. 

Tehuis
Opi’s huis is klein, zo klein dat er niet eens een douche is. Zo klein dat je bij opi op de kamer moet slapen. Dat je dat doodeng vindt (hij zal maar ….terwijl je daar ligt) maar het moet. Want het gaat niet goed met opi (vinden oma en je moeder). Hij moet mee naar Nederland. Daar kan hij in een tehuis voor oude mensen (vinden zij). Opi denkt er heel anders over. Hij wil op IJsland blijven. In zijn eigen dorp. Niemand vertelt hem wat hij moet doen (of laten). 

Verklappen
Zo komt het dat opi een ontsnappingsplan bedenkt (en Twan moet hem helpen). Hij weet niets beters te bedenken dan opi uit het grote survivalboek voor te lezen (die stukjes die over kou gaan, dat je je voeten bij bevriezing onder de oksels moet steken. Hoe doe je dat???).  Opi luistert geduldig maar heeft wel veel commentaar. En dan ontdekt Linde het plan. Zal opi zijn plan door kunnen zetten? Of gaat Linde alles verklappen? Hoe kan opi de regels van drie toepassen? Of slaat hij alle raad in de wind? 

Eigenwijs
Vorige maand hebben de kinderen in groep 7 en 8 ‘De regels van drie’ gelezen. Mocht u er één tegenkomen (een schoolkind), vraag er eens naar. Of lees het boek zelf.  Geniet van een eigenwijze grootvader, heerlijke kinderen en toch ook van de bemoeizuchtige volwassenen.

11 oktober 2022

‘Films die nergens draaien’ van Yorick Goldewijk

Het is deze week Kinderboekenweek en daar hoort een Gouden Griffelwinnaar bij voor het beste kinderboek van het jaar. Dit jaar is dat ‘Films die nergens draaien’. Hoofdpersoon is Cato, twaalf jaar en een tikje recalcitrant. Ze woont samen met haar vader, haar moeder is bij haar geboorte overleden. Cato vindt haar vader maar een saaie piet. Er zit geen enkele fut in hem, hij zit maar neerslachtig op de bank. Alle vragen die ze over haar moeder heeft worden afgewimpeld.  Ook is er buurvrouw Cornelia. Die helpt in de huishouding, kookt en bemoeit zich ook met Cato. Cato gruwt van haar. Helemaal als ze de praatjes die rondgaan gehoord heeft. Cornelia zou haar man vermoord hebben. 

Bioscoop
Alles verandert als Cato in contact komt met Mevrouw Kano. Cato ziet in huis een kaartje liggen met de uitnodiging om naar de oude bioscoop te komen. Ze gaat er naartoe en treft er Mevrouw Kano. Die zet Cato dadelijk aan het werk want er zullen binnenkort bezoekers komen. Elke keer maar één per voorstelling. Cato kan haar mooi helpen, vindt Kano. Al snel komt de eerste bezoeker. Cato mag niet bij de voorstelling zijn maar nieuwsgierig als ze is gaat ze toch stiekem kijken. Het rare is dat ze wel de film ziet maar niet Kano en de bezoeker. Ook bij de volgende voorstellingen gaat het zo. 

Konijn
Thuis escaleert de toestand. Cornelia laat Cato’s konijn ontsnappen. Cato houdt zielsveel van hem. Ze wordt zo kwaad op haar vader dat ze haar spullen pakt en naar de bioscoop verhuist. En daar komt ze langzaam maar zeker te weten welke films er draaien. Dat ze daar zelf een rol in speelt. Dat ze misschien antwoorden kan krijgen over haar moeder. Dat Kano niet is wie ze lijkt te zijn. Maar wie is ze dan wel? 

Laagjes
Goldewijk heeft een prachtig boek geschreven, met heel veel laagjes en een verrassend einde. Je kunt het als een spannend boek lezen, wat veel kinderen zullen doen, als volwassene kijk je er toch anders naar. Het is een genot dit boek te lezen, het sprankelt en fonkelt, je kunt het slecht wegleggen. Het is dus niet alleen voor kinderen, het is voor iedereen van 9 tot 99 een heerlijk boek.  

27 september 2022

‘Supergroen: helden en schurken van het voedselbos’ van Thijs Goverde

Volgende week woensdag begint de Kinderboekenweek 2022. Het thema is ‘Gi-ga-groen!’. ‘Supergroen’ is één van de boeken die speciaal voor de Kinderboekenweek is geschreven. Thijs Goverde is in Nijmegen betrokken bij de totstandkoming van een voedselbos. Zijn ervaring met planten, bomen en dieren die hij daar opdeed heeft hij omgezet in kostelijke verhalen. 

Boosaardig

Neem nou de boterbloem. Dat lieve plantje met van die schattige bloemetjes. Die alle Hollandse weiden zo mooi bespikkelt. Die blijkt vreselijk boosaardig te zijn. Het is een egoïst, denkt alleen aan zichzelf, is giftig voor alles en iedereen, haalt geen stikstof uit de lucht en doodt alle bodemleven. Zelfs het stuifmeel is giftig. Met zijn uitlopers bezet hij zoveel mogelijk grond. Het is ronduit een superschurk. 

Wortels
Maar er zijn ook superhelden in de natuur. Het duizendblad bijvoorbeeld is heel handig om in je voedselbos te hebben. Het verjaagt de slakken, verstikt onkruid, kan wonden genezen en zweefvliegjes zijn er dol op. Bovendien kan je het eten. De paardenbloem is ook zo’n type. Met zijn lange wortels helpt hij andere planten. Hij doorboort dikke lagen grond waar een andere plant geen kans zou maken. Maar nu wel, nu de paardenbloem de weg gebaand heeft. Hoe dom zijn wij om de paardenbloem weg te halen. Het is een held, een echte. 

Biologieboek
Zo worden verschillende planten besproken, de brandnetel, de distel, Jakobskruiskruid, huislook, de linde, riet, zevenblad en wilg passeren de revue. Van de laatste weet Goverde een hut te maken, groot en bloeiend in het voorjaar. Ook de schimmels, fruit, koolstof, stikstof en Co2 komen langs. Vaak verrassend, Goverde dicht de planten menselijke karaktertrekken toe waardoor je de eigenschappen veel beter onthoudt dan wanneer je een biologieboek zou doorspitten. 

Ridderverhaal
Waar kun je dit boek voor gebruiken? Allereerst om cadeau te geven aan een kind of volwassene. Want ook voor de laatste categorie lezers is het een geschikt boek om met een dikke glimlach door te lezen. Als voorleesboek, in de klas, in de opvang of thuis.  Goverde weet iets abstracts als een voedselbos met al zijn helden en schurken tot leven te wekken. Alsof het een spannend ridderverhaal is, een stijl waarbij hij zich helemaal thuis voelt. De illustraties van Saskia Heijmans zijn erg grappig en passen uitstekend bij de tekst.

9 november 2021

‘Mijn zelfleesboek voor groep 3’

Kinderen in groep drie van de basisschool krijgen het lezen zo langzamerhand onder de knie. Eigenlijk gaat het proces best heel snel. Na twee, drie maanden op school lezen ze al een aardig woordje mee. Voor deze kinderen is er het ‘Zelfleesboek’. Het boek begint eenvoudig met een zoekplaat met daarin zeven woorden als aap, mees en kook die opgezocht moeten worden. Eitje, denken Luca en Norah, twee kinderen uit groep drie, die woorden kennen we al. 

Boef en Agent
Een gedichtje over de bal en daarna een stripverhaal over het draakje Tuur dat zijn vuur kwijt is. Nog een gedichtje en een mop. En dan het verhaal van Haas die verliefd is op Kip. Dat kunnen de twee muiters nu al makkelijk lezen. De eerste verhalen zijn zonder interpunctie en ook zonder hoofdletters. Want zo gaat het op school ook. Boef en agent kennen ze nog uit de prentenboeken die in groep 1 en 2 voorgelezen werden. Nu kunnen ze dat zelf aan. Blijft toch grappig hoe Boef Agent altijd te slim af is. 

Luis

De vader van Suus en Sem is bang voor luis. Juf heeft gezegd dat er weer hoofdluis is. Pap raakt in paniek. Maar gelukkig weet Mam wel raad. De verhalen worden langer, de woorden moeilijker, de hoofdletters en de interpunctie komen erbij. Maar wat blijft zijn de geweldig mooie illustraties, ook bij de meer verhalende onderdelen. Aadje Piraatje, Spuit Elf, de buurman met zijn raket, de tweeling Bas en Ron, Vos en Haas, Aap en Mol, Dolfje Weerwolfje en nog veel meer hoofdpersonen doen mee. 

Leesplezier
De verhalen staan in AVI volgorde, oplopend van start naar eind drie. Met AVI wordt de technische leesvaardigheid van een kind gemeten. Dat zegt verder niets over het leesplezier. Leesplezier is niet afhankelijk van de technische vaardigheid. Leesplezier hangt samen met hoe leerkracht en ouders het lezen brengen. Fijn voor blijven lezen bijvoorbeeld, ook als het kind zelf kan lezen. Samen creëer je zo onvergetelijke momenten. 

Cadeau
Mijn Zelfleesboek is te leen in de bibliotheek. Maar het is ook een prachtig cadeau dat de goedheiligman kan schenken, of dat als verjaardagscadeau gegeven kan worden. Niet te lang mee wachten want voor je het weet zijn ze toe aan het volgende Zelfleesboek, die is  voor groep vier.

5 oktober 2021

‘Gozert’ van Pieter Koolwijk

Ties is een ondernemende jongen. Graag mag hij naar de buren gaan. Dat is een autosloperij. Hij heeft er niets te zoeken, maar juist dat maakt het aantrekkelijk. Samen met zijn vriend Gozert gaat hij over het smalle balkje over de sloot.  Durft hij wel, durft hij niet, zal hij het doen?  Het water begint te kabbelen, het wordt steeds wilder, er komt een reusachtige hagedissenkop uit het water.  Ties deinst terug. Maar Gozert weet wel raad. Hij spreekt het dier toe, vertelt dat Ties niet een lekker hapje is, dat hij van hem af moet blijven. En zo komen ze tussen de auto’s terecht
 

Plan
Op het terrein spot Gozert al snel een trol. Een trol die graag kinderen eet. Ook nu heeft Gozert een meesterlijk plan. Zoals hij altijd een meesterlijk plan heeft. Net zolang tot het mis dreigt te gaan en Gozert heel hard roept dat de missie moet worden afgebroken. Ties en Gozert zijn al jaren samen. Gozert is altijd bij hem, dag en nacht. Dat anderen Gozert niet kunnen zien is wel wat lastig maar het is niet anders. 

Pillen
Met Gozert verandert elk saai moment van de dag in een spannend avontuur. Ties’ vader en moeder zijn daar niet blij mee. Ze maken zich zorgen. Het kan niet gezond zijn, zo’n imaginaire vriend. Ties moet naar de dokter. Ties moet pillen slikken en als Ties dat niet wil en de wilde avonturen gewoon door blijven gaan moet Ties naar een tehuis om uit te rusten, om voorgoed van Gozert af te komen. ‘Ik kan je niet missen, bro,’zegt Gozert. ‘Ik blijf bij je, wat er ook gebeurt'. Maar zijn ze sterk genoeg om de druk te weerstaan?  Zullen de pillen onaangeroerd blijven? Of gaat Ties overstag en verdwijnt Gozert voorgoed uit zijn leven.

Klassieker
‘Gozert’ is een geweldig boek om zelf te lezen maar ook om voor te lezen. Pieter Koolwijk weet je aandacht te vangen en het verhaal laat je niet meer los. Het verhaal heeft alles in zich om een klassieker te worden en is dan ook terecht de winnaar van de Gouden Griffel, het beste kinderboek van het jaar. De schitterende illustraties van Linde Faas verbeelden Gozerts wilde wereld. Een heerlijk boek voor iedereen van 8 tot 88 jaar. 

2 maart 2021

‘Het geheim van het Nachtegaalbos’ van Lucy Strange

Soms kom je een boek tegen waarvan je denkt dat veel mensen het zouden moeten lezen. Niet een nieuw boek, uitgekomen in 2017,  niet een actueel boek, ook niet een roman maar een kinderboek. Een debuut, ook nog eens. Maar zo prachtig, je blijft lezen! 

Henrietta
Het is 1919  als Henrietta met haar moeder en babyzusje vanuit Londen naar het platteland vertrekt. Ook juffie Jane, de kinderjuf gaat mee. Ze betrekken een huis niet ver van zee. Henrietta’s vader is voor zijn werk in het buitenland. Er is iets mis met haar moeder,  ze ligt almaar op bed, dokter Hardy komt om de haverklap en Henrietta wordt bij haar weggehouden.  Het heeft vast te maken met haar overleden broer Robert. Die is toen ze nog in Londen woonden gestorven. 

Verhuizing
Haar moeder is daarna ingestort, een verhuizing naar het platteland zou haar goed doen. Nu ze daar zijn probeert Henrietta de draad weer op te pakken. Maar ze mist haar broer zo vreselijk, soms lijkt het net of hij bij haar is. Dan hoort ze zijn stem en praat ze met hem. En ze mist haar moeder. Waarom wordt ze maar niet beter? Waarom komt de dokter zo vaak? Hoe komt het dat de dokter haar moeder wil laten opsluiten in een gesticht? Henrietta is ten einde raad. 

Sprookjeswereld
Op haar zwerftochten door het bos, komt ze een zwerfster tegen. Mot, zo noemt Henrietta haar, woont diep verscholen in de bossen in een woonwagen, niemand ziet haar, niemand kent haar. Alleen Henrietta heeft contact met haar. Niemand wil haar dan ook geloven als ze iets over Mot vertelt. Henrietta leeft in een sprookjeswereld, zo zegt de dokter. Het is vast een erfelijke vorm van krankzinnigheid. Het is ook beter als babyzusje Biggetje, wie geeft een kind zo’n krankzinnige naam!, een tijdje bij de dokter komt wonen. 

Ultieme poging
Alle pogingen van Henrietta om haar moeder en zusje te redden lijken tevergeefs. Tot ze, geïnspireerd door Mot en met instemming van Robert een radicale beslissing neemt. Daarbij krijgt ze uit onverwachte hoek hulp om in een ultieme poging haar moeder uit de handen van dokter Hardy en zijn handlangers te bevrijden. 

Van Lucy Strange is in 2020 een tweede boek verschenen: ‘Ons kasteel aan zee’.

14 april 2020

‘Uit elkaar’ van Bette Westera en Sylvia Weve


Vorige week is de Woutertje Pieterse Prijs uitgereikt.De Woutertje Pieterse Prijs is een prijs voor het beste oorspronkelijk Nederlandstalige kinder- of jeugdboek. De jury bekroont sinds 1988 kinderboeken die uitzonderlijk zijn voor wat betreft taal, genre, thema, illustratie, vorm en/of vormgeving. Het doel van de prijs is het bevorderen van de kwaliteit van het Nederlandstalig kinder- en jeugdboek”. Klik hier voor de winnaar.

Twee huizen
‘Uit elkaar’ is één van de genomineerde boeken.  Een dichtbundel van de gerenommeerde auteur Bette Westera. Het beschrijft de lastige zaken die kinderen van gescheiden ouders tegen komen. Vijf opa’s bijvoorbeeld, of vier oma’s, twee huizen, stiefvaders en (boze) stiefmoeders,  familie aan alle kanten en over heel de wereld. Of dat je je vader ziet zoenen met de juf, en dat is niet je moeder. Maar ook andere gezichtspunten komen voorbij. De hond die nergens meer bij hoort, twee mannetjes pinguïns die samen een ei uitbroeden, twee zwanen die eeuwig bij elkaar blijven maar soms een oogje dicht knijpen.

Puntig
Humoristisch, vertederend, puntig, ontroerend, tot he point. Dat zijn deze gedichten. De vormgeving en de illustraties van Sylvia Weve maken het boek helemaal bijzonder.  Een boek om bij de hand te hebben als het ergens in een relatie fout gaat en de kinderen daar verdrietig en boos over zijn.  Een boek dat in elke schoolbibliotheek thuis hoort. Want daar zijn de kinderen die het overkomt. Maar ook een boek voor opa’s en oma’s die kleinkinderen in zo’n situatie hebben. Over een paar weken is het  Moederdag, dan is dit een schitterend cadeau om aan een grootmoeder te geven. Of een maand later aan een grootvader.

Lieverd
Als laatste één van de gedichten:
“Mijn vader is een lieverd,
mijn moeder is een schat,
maar dat mijn vader ooit iets
met mijn moeder heeft gehad,
dat kan ik niet begrijpen,
daar kan ik echt niet bij.
Ze hebben niets,
maar dan ook
NIETS GEMEEN behalve ……..

31 maart 2020

‘Naar het noorden’ van Koos Meinderts

Het voorjaar van 2020 staat in het teken van 75 jaar bevrijding. Heel veel nieuwe boeken zijn er over dit thema verschenen. Maar ook bekende titels uit het verleden zijn weer actueel. 'Oorlogswinter' van Jan Terlouw en 'Oorlog zonder vrienden' van Evert Hartkamp zijn  de eersten die dan bovenkomen. Maar er is nog een pareltje, het boek ontving in 2017 nog de Gouden Griffel voor het beste kinderboek van dat jaar.  Het is het ontroerende‘Naar het noorden’ waarin Koos Meinderts de hongerwinter van 1944 – 1945 door de ogen van de elfjarige Jaap tot leven laat komen.  

Bleekneusje
Jaap is met zijn grote zus Nel en jongere broertje Kleine Kees als bleekneusje  samen met een grote groep andere kinderen vanuit Noord Holland naar Friesland gestuurd. In Noord Holland is er nauwelijks nog iets te eten, de kinderen zijn zo ondervoed dat zij naar de wat beter bedeelde provincies in het noorden en oosten worden gestuurd. Met een binnenvaartschip, de luiken gesloten, wordt de oversteek naar Friesland gemaakt.

Familie Schut
Daar aangekomen worden Nel, Jaap en Kleine Kees over verschillende families verdeeld. Jaap komt bij het streng gereformeerde echtpaar Schut terecht. Niets is meer zoals het thuis was, op school wordt Jaap bovendien gepest door een buurjongen die hem maar een uitslover vindt. De ruzie loopt zo hoog op dat Jaap wegloopt om zijn zus Nel op te zoeken.  Bij Nel thuis vindt hij een luisterend oor, en dat niet alleen, er is een brief van zijn moeder. Jaap krijgt wat meer vertrouwen en als hij terug naar de familie Schut gaat, beseft hij dat deze op het oog kille mensen toch veel om hem geven.  Als de lente aanbreekt komen de bevrijders naar het dorp. De kinderen kunnen terug naar hun ouders, maar ook daar moet ieder weer zijn eigen plek veroveren. Want zoals het vroeger was, zo zal het nooit meer zijn.

Oorlogstijd
‘Naar het noorden’ is een ingetogen geschreven oorlogsverhaal. Koos Meinderts hoorde de grote trekken van het verhaal in een aflevering van de door NPO uitgezonden geschiedenisreeks 'Andere tijden'. Vervolgens heeft Meinderts zich grondig gedocumenteerd. Deze ingrediënten geven een schitterend verhaal over een jongen die opgroeit in de oorlog, een verhaal dat je pakt en niet snel vergeten zal worden. Het boek is geschikt voor lezers vanaf tien jaar. Veel volwassenen zullen het boek ook met veel interesse lezen, zeker als ze zelf nog de verhalen uit de oorlogstijd kennen of herkennen. 

3 september 2019

‘De oorlog die ik eindelijk won’ van Kimberly Brubaker Bradley


Twee jaar geleden was de voorloper van dit boek 'De oorlog die mijn leven redde' aan de beurt. Het verhaal van de twaalfjarige Ada die door haar moeder in hun bovenhuis opgesloten gehouden wordt omdat ze een klompvoet heeft. Die ernaar hunkert naar school te gaan en daarom stiekem met haar broertje samen als evacué in 1940 naar Kent gaat. Daar komen ze bij Susan in huis, worden door hun moeder teruggehaald en komen nadat hun moeder omkomt bij een bombardement in Londen weer in Kent terecht.

Oorlog
Deel twee start met de ziekenhuisopname van Ada, ze wordt aan haar klompvoet geopereerd. Maandenlang is ze in het ziekenhuis, Susan komt elke dag op bezoek en ook haar broertje Jamie ziet ze vaak. Als ze terug mag naar hun huis in Kent gebeurt het meest verschrikkelijke wat ze kan bedenken, het huis van Susan wordt bij een Duitse aanval met de grond gelijk gemaakt.  Ze gaan tijdelijk in het jachthuis van de adellijke familie Thornton wonen.  Daar krijgen Ada en Jamie  in hun dagelijkse leven steeds meer te maken met de gevolgen van de oorlog.  Lady Thornton trekt na de vordering van het landhuis ook bij Susan in , de joodse studente Ruth komt bij hen wonen, er zijn landmeisjes die helpen met het boerenwerk.  Voedsel wordt schaars, alles is op de bon, de oorlog beheerst hun hele leven. Ada moet daar mee leren dealen, wantrouwig als ze is ligt ze vaak dwars en gaat een conflict niet uit de weg.  

Boos
Alleen als ze paard rijdt kan Ada zichzelf zijn. Toen ze voor het eerst op weg naar Kent was  heeft ze vanuit de trein een meisje op een pony zien galopperen. Dat leek haar toen het ultieme geluk dat ze zou kunnen  bereiken. Van Susan heeft ze een pony gekregen, bijna dagelijks rijdt ze erop, dan voelt ze zich vrij en gelukkig. De rest van de tijd is ze vooral boos, al ziet ze dat zelf niet zo. Gelukkig laten de mensen om haar heen zich daardoor niet afschrikken. Zo komt het dat Ada langzaam loskomt van haar verleden en zichzelf leert overwinnen.

Hartverwarmend
‘De oorlog die ik eindelijk won’ is een hartverwarmend  boek. Kimberley Brubaker Bradley neemt je mee naar de heftige oorlogsjaren in Engeland, zo anders dan die in Nederland en toch ook zo herkenbaar.  Beklemmend, ontroerend en vol boosheid,  dit kinderboek  steekt menig volwassen boek naar de kroon.

12 oktober 2018

Korte tip: 'De reis van Syntax Bosselman' van Arend van Dam

Verhalen over de slavernij. Syntax Bosselman vertrekt in 1883 samen met nog 25 andere Surinamers naar Amsterdam om tentoongesteld te worden op de Internationale Koloniale en Uitvoeringstentoonstelling. Nederland laat daar 'trots' zien wat het allemaal bereikt heeft in de wereld. Arend van Dam komt dit gegeven toevallig op het spoor en diept het zeer genuanceerd uit. Hij volgt Syntax op de voet en laat aan de hand van de tentoonstelling de lelijkheid van de Nederlandse slavernijgeschiedenis zien. Een mustread voor elk kind in groep zeven en acht en hun ouders.  Van Dam heeft voor dit boek de Thea Beckman literatuurprijs voor het beste historische jeugdboek 2018 ontvangen.

Klik hier voor een uitgebreide recensie op de website Leesbevordering in de klas.