30 juni 2026

‘De mysterieuze bakkerij op de Rue de Paris’ van Evie Woods

De Ierse Edie is na het overlijden van haar moeder een beetje de weg kwijt. Al haar vriendinnen hebben relaties, voor haar voelt het als dertigplusser alsof ze de boot gemist heeft. Als ze op een dag een aanlokkelijke vacature in de krant ziet, reageert ze en wordt prompt aangenomen. Er is geen sollicitatiegesprek, geen eerste en tweede ronde, ze is het geworden: assistent-manager in een bakkerij in Parijs. En nu staat ze op het station Gare du Nord, vertwijfeld, want alles is misgegaan. Ze had zich gemeld op het aangegeven adres, Rue de Compiègne, dat ze met de nodige moeite had gevonden. Ze werd vreemd aangekeken, er was helemaal geen vacature, ze hebben nog nooit van haar gehoord. Wat is er misgegaan? Hoe kon dit gebeuren? 

Zolderkamer

Uiteindelijk belt ze met haar toekomstige werkgever, Mme Moreau. Die legt haar kort en bondig uit hoe ze in Compiègne moet komen. Met de trein, het is een uurtje reizen. Dat klopt, na ruim een uur arriveert Edie in het stadje om vervolgens bij de bakkerij in het centrum te belanden. De ontvangst is niet hartelijk, ze krijgt een zolderkamer toegewezen en ze wordt de volgende ochtend om zeven uur beneden in de winkel verwacht. Dat is het openingsuur, de eerste klanten staan al voor de deur te wachten op de verse baguettes. Het ruikt er heerlijk, versgebakken brood en heerlijk banket. Manu, de bakkersjongen, begint met de bezorging naar de restaurants en hotels. 

Nors en kortaf

Edie leert wat mensen kennen, bij wie ze haar hart kan luchten. Dat is ook nodig, want Mme Moreau is nors en kortaf, Manu gesloten, het is geen gezellige werkomgeving. Als Edie Hugo leert kennen, wordt ze hals over kop verliefd. Maar is Hugo wel de man die hij voorgeeft te zijn?  Kan ze hem vertrouwen? En wie is toch de bakker die elke nacht in de kelder van de bakkerij aanwezig is? Het is allemaal erg geheimzinnig, maar Edie zal achter de waarheid komen! Koste wat kost! 

Diepgang

Woods heeft als tweede verhaallijn het leven van Mme Moreau. Daarbij komt WOII ter sprake, de tweedeling van Frankrijk in die tijd en de rol die het kleine Compiègne speelde op het wereldtoneel. Dat geeft het boek extra diepgang en wordt het zo meer dan alleen maar een fijn zomerboek.

23 juni 2026

Alice tuimelt in Wonderland’ van Tiny Fisscher

‘Begin bij het begin en ga door tot het eind. Dan stop je’ Alice zit samen met haar zus aan de waterkant. Ze verveelt zich, haar zus daarentegen is verdiept in haar boek. Een boek zonder plaatjes, hoe saai kan het zijn. Alice wordt een beetje lui, dreigt zelfs in slaap te vallen als er een wit konijn langsloopt. Een konijn met roze ogen, een konijn dat iets roept als: ‘O nee, o jee, ik kom veels te laat’. Het konijn haalt een horloge uit zijn vestzak, roept nogmaals dat hij veels te laat komt en begint te rennen. 

Krimp en groei

Zo lokt Tiny Fisscher ons het verhaal van Alice in. Een verhaal dat heel bekend is, tenminste van naam en van meerdere films. Toch weet Fisscher er een heerlijke draai aan te geven. Alice kruipt het konijnenhol van het witte konijn in, valt meters, misschien wel kilometers, misschien wel tot het middelpunt van de aarde naar beneden. En belandt zo in Wonderland. Ze krimpt en groeit, groeit en krimpt, telkens als het niet uitkomt, ontmoet de vreemdste figuren die ook nog allemaal onbegrijpelijke dingen doen. Maar één ding is wel zeker, ze blijft zich verbazen en snapt er ondertussen niets van. 

Taartjesdief

Zo komt ze uiteindelijk bij de koningin, die iedereen het hoofd wil afhakken. Er is een taartjesdief, er komt een rechtszaak, Alice geeft de koning, die tegelijk rechter is, (hoe raar!) flink weerwoord, lacht om het eindoordeel en wordt gelukkig net op tijd……. 

Jeska Verstegen

Het verhaal wordt fenomenaal ondersteund door de schitterende illustraties van Jeska Verstegen. Vanaf 1996 illustreert ze kinderboeken. Haar stijl is vaak sprookjesachtig, wat heel goed bij ‘Alice tuimelt in Wonderland’ past.  Andere boeken die ze recent geïllustreerd heeft zijn ‘Het touw en de waarheid’ waarvoor ze een Gouden Penseel kreeg, ‘De boom die een wereld was’ en ‘Beer is nooit alleen’. Het laatste boek is in verschillende landen uitgekomen en werd in de VS in 2023 tot de tien best geïllustreerde boeken van dat jaar gerekend. 

En voor wie zich afvraagt waar al die lange liedjes en versjes uit Wonderland zijn  gebleven: die waren veels te 1865.  

16 juni 2026

‘Natuurgids Nationale Parken’

‘Ontdek alle 22 nationale parken van Nederland’ is de ondertitel van dit handzame boek. Van noord naar zuid nemen de gidsen je mee naar de verschillende nationale parken. U kent ze natuurlijk wel, de duinen van Texel, Schiermonnikoog, De Hoge Veluwe en De Biesbosch. Maar er zullen ongetwijfeld anderen zijn, die minder bekend zijn. Zoals het Drents-Friese Wold of het Van Gogh Nationaal Park. Nationaal Park Meinweg, Grenspark Kalmthoutse Heide en Nationaal Park Nieuw Land. Die laatste zal wel in de Flevopolder liggen, denk je dan. Dat klopt. En die twee in Overijssel, de Weerribben-Wieden en de Sallandse Heuvelrug, tja, daar hoeven ze ons niets meer over te vertellen. 

Korhoen

Of toch wel? Het verhaal van het korhoen op de Sallandse Heuvelrug komt vaak terug in het nieuws. Vrijwel uitgestorven, steeds weer nieuwe vogels uit Zweden geïmporteerd, toch is het al met al weinig succesvol. Met de jeneverbes gaat het gelukkig voorspoediger. Weliswaar groeien ze heel erg langzaam, ze kunnen wel heel oud worden. De Weerribben-Wieden bieden een heel ander landschap. Je kunt hier wandelen maar het best ga je met een fluisterboot op stap. Uitgestrekte rietvelden, moerasbossen, het is een uniek stukje Overijssel. 

Sterrenhemel

De indeling van dit boek is heel overzichtelijk: elke parkbeschrijving begint met een kader met praktische informatie. Daarbij worden achtereenvolgens de parkeerplaatsen, de bezoekerscentra, waarneming-ID, eigendom, aanbevolen wandelroutes, interessante soorten, oppervlakte, jaar van oprichting en als laatste de website opgesomd. Van elk park worden ook de meest iconische soorten genoemd. Dat kan een dier, een plant maar soms ook iets anders als een bijzondere sterrenhemel zijn. Alles wordt gelardeerd met prachtige foto’s, die ondanks dat ze van een niet al te groot formaat zijn, van hoge kwaliteit zijn. De gids past prima in een rugzak en is daarom makkelijk mee te nemen. Ook kan dit uitnodigende boek de voorpret thuis vergroten en aanleiding zijn om meer van onze Nationale Natuurparken te weten willen komen. 

Onder eindredactie van Bob Luijks hebben een groot aantal auteurs aan dit boek meegewerkt. De fotografen van de mooie natuurfoto’s worden bij de foto vermeld. Het is kortom een fijn boek om vooraf aan een bezoek aan één van de parken al vast eens te grasduinen.

9 juni 2026

‘Dwaallicht’ van Zoë Marriott

Jude Stewart is niet met veel familie behept. Haar moeder is een paar jaar geleden overleden, haar vader heeft ze nooit gekend. Ze is helemaal op zichzelf aangewezen. Ze woont in bij haar oude schoolvriendin Penny, heeft een baantje in een pizzeria en daarbuiten is er weinig. Nu Penny een vriendje heeft, zou die het liefste zien dat Jude vertrekt. Maar daar is weinig kans op, Jude zou nooit in haar eentje een onderkomen kunnen bekostigen. 

Ruïne

Als op een dag een dikke, duur uitziende envelop voor Jude wordt bezorgd, krijgt ze de schrik van haar leven. Ze moet zich melden bij een deftig notariskantoor, ze is namelijk de enige erfgenaam van een vrouw genaamd Anne Erskine. Die naam komt haar vaag bekend voor, mogelijk is het familie van haar vader. Jude erft een huis in een kustplaatsje in York. Het is al een crime om er te komen, maar het feit dat ze vriendelijk wordt ontvangen door de familie die op het huis gepast heeft, maakt veel goed. Jude dwaalt de eerste dagen rond in de omgeving, vindt een ruïne, dicht bij het huis en ziet telkens een verschijning. Nooit heel concreet, wel licht verontrustend. 

Eigen leven

Honderd jaar eerder was de ruïne nog een fraai buitenhuis met een prachtige oranjerie. De familie Kearsley bezit en bewoont het huis. Er is maar één kind, dochter Xanthe. Omdat de familie van adel is, zal Xanthe nooit het huis erven, het zal naar de oudste neef, Jonathan, gaan.  Dat is geen fijne jongen, brutaal, pestkop, en bovendien getekend door de Grote Oorlog (WOI). Maar alles wordt hem vergeven door Xanthes ouders. Terwijl ze op Xanthe voortdurend van alles aan te merken hebben. Gelukkig mag Xanthe een paar jaar naar Zwitserland en Parijs, maar als het slecht met haar vader gaat, komt ze hals over kop terug. Hebben haar ouders haar vergeven en kan ze een eigen leven opbouwen? Of is er niets veranderd! 

Marriott switcht heel gemakkelijk tussen de twee verhaallijnen heen en weer. Al snel krijg je als lezer in de gaten dat er in het verleden iets verschrikkelijks gebeurd is, toch weet ze heel knap de spanning erin te houden. Het mystieke element, dat ze eerder in haar Young Adult boeken hanteerde, neemt ook in deze roman een prominente plaats in.

2 juni 2026

‘De boekenclub van dwarse huisvrouwen’ van Marie Bostwick

Margaret Ryan woont net als haar vriendin Viv in de nieuwe wijk Concordia ergens in Noord-Virginia. De hele wijk is gloednieuw, de ruime huizen zijn in het naoorlogse decennium gebouwd. Nu, in begin jaren zestig, komen er nog maar weinig nieuwe buren bij.  Het is dan ook tamelijk opzienbarend dat in een groot nieuw huis een kunstenaar komt wonen. Zij, Charlotte, is in alles het tegendeel van de meeste vrouwen in Concordia, die merendeels thuis zijn om man en kinderen te verzorgen. Maar Margaret, ruimhartig als ze is, gaat met een schaaltje koekjes op weg naar Charlotte om haar op de koffie te vragen. 

‘The feminine mystique’ 

Dat valt niet in goede aarde, Charlotte die nogal onconventioneel is, wil wel meedoen als er een boekenclub is, en dan nog alleen als ze het boek ‘The feminine mystique’ van Betty Friedan gaan bespreken. Margaret laat zich niet zo snel afbluffen, ze zegt toe dat ze dit feministische boek gaan lezen. En zo is de boekenclub geboren. Behalve Viv en Charlotte vraagt Margaret ook nog Bitsy bij de club. Jong, getrouwd met een oudere man die dierenarts is. Zelf heeft ze die ambitie ook, toch werkt ze nog steeds als staljongen. 

Diepgang 

Het boek van Friedan brengt heel wat teweeg. De onrechtvaardigheid van de maatschappij na WOII. In de oorlog hadden ze banen die nu weer door mannen ingenomen zijn. Viv was als verpleegster in de oorlog aan de fronten in Afrika en Europa. Nu runt ze het huishouden met zes kinderen. Toch wil ze weer in haar beroep aan het werk. Margaret heeft ambitie om te schrijven. Het worden columns voor een vrouwenblad, geestige stukjes zonder veel inhoud. Met een redacteur die elke diepgang afwijst. Charlotte schildert, zit als dochter van een rijke fabrikant vast in een ongelukkig, door haar vader en echtgenoot gedomineerd huwelijk. Hoe lang accepteert ze dat nog? 

Bostwick neemt de lezer mee naar een nog niet zo lang  vervlogen tijd, een tijd waarin de vrouw nog geacht werd dienstbaar te zijn aan de man, een tijd waarin ze als getrouwde vrouw geen bankrekening kon openen. Een tijd waar tradwives misschien naar terugverlangen maar de meeste vrouwen nu met afschuw op terugkijken. Toen was er veel om voor te vechten, nu lijkt dat minder, maar blijf alert, tijden kunnen zomaar weer veranderen.