22 oktober 2024

‘Familietraditie’ van Elizabeth Acevedo

Matilde (1952), Flor (1953), Pastora (1955) en Camila (1969) zijn vier zussen die op het platteland van de Dominicaanse Republiek (DR) zijn geboren. Als tiener of jongvolwassene trekken ze één voor één naar de hoofdstad Santo Domingo en vandaaruit verder naar New York. Alle vier zijn ze getrouwd, Flor, Pastora en Camila hebben elk een kind, Matilde bleef kinderloos. Ook hebben ze alle vier een gave. Als Flor droomt dat iemand doodgaat, gebeurt dat ook. Pastora kan zien of iemand de waarheid spreekt, Matilde kan grandioos dansen en Camila heeft er een neus voor het goede te doen, vooral voor zichzelf. 

Viering

Flor heeft besloten iedereen bij elkaar te roepen voor de viering van haar leven. Die boodschap brengt grote verwarring bij haar zussen, wat heeft Flor gedroomd? Haar eigen dood? Wat is dit voor nieuwigheid, de viering van je eigen leven! Pastora zou het kunnen weten, of Flor de waarheid spreekt. Maar ook zij laat niets los. Flor en Pastora zijn altijd al erg dik met elkaar geweest, als de kern van het gezin waarin ze zijn opgegroeid. Met een traditionele vader en een afstandelijke moeder die het voor elkaar kreeg elk van de dochters ergens geplaatst te krijgen. Bij een ander gezin, bij een ziekelijke oom, in het klooster. Zodat ze zowel met elkaar als zonder elkaar opgegroeid zijn. 

Tweede generatie

Maar terug naar het nu, die uitnodiging. De zussen breken zich het hoofd er over. Zo ook de tweede generatie in New York. Flors dochter Ona is doodsbenauwd dat haar moeder iets overkomt. Zelf worstelt ze met haar verlangen zwanger te worden. En dan is er Yadi, Pastora’s dochter. Zij kijkt uit naar de hereniging met haar eerste liefde, de jongen die tijdens zijn schooltijd is opgepakt en nu zijn straf uitzit. 

Kleurrijk

Door de ogen van Ona duiken we in het heden en verleden van de vier zussen, Yadi en Ona zelf. Beeldend en krachtig wordt het kleurrijke leven in de DR neergezet als contrast met het grijze NY. Zo krijg je als lezer een heel ander beeld van de vaak druk en op luide toon pratende Dominicaanse dames, die elk gesprek op een ruzie kunnen laten lijken. Voor in het boek is een stamboom opgenomen, erg handig om het overzicht op de familie te houden.

15 oktober 2024

‘Het eilandhuis’ van Elena Conrad

Maike zit in een dipje in haar leven. De scheiding van haar man Florian is eindelijk definitief, haar tienerdochter Tessa besluit bij haar vader in Berlijn te gaan wonen en haar baan als office-manager bij een advocatenkantoor ervaart ze inmiddels als saai en weinig uitdagend. Bovendien kan ze de opgefokte levensstijl van vrienden niet meer uitstaan. Altijd alles groter, mooier, meer, hoe oppervlakkig kan het zijn. 

Spijt

Als er een brief van de notaris op Spiekeroog komt met het bericht dat tante Hilde, een tante van haar ex, is overleden en Maike alles van Hilde geërfd heeft, weet ze niet hoe ze er mee aan moet. Allereerst spijt het haar gruwelijk dat ze niet vaker bij haar op bezoek gegaan is. Tante Hilde was een schat, het eiland prachtig en rustgevend. Omdat ze haar handen vrij heeft nu Tessa in Berlijn is, neemt ze drie weken vakantie op om naar Spiekeroog te gaan. 

Zijn tante

Maike heeft weliswaar de brief van de notaris, het testament heeft ze nog niet in handen. Niet iedereen is even blij met haar komst op Spiekeroog, de huurster van een deel van het huis, Famke, is ronduit vijandig. Wel sluit ze al snel vriendschap met Jarik, die samen met Famke een winkel runt. Jarik blijkt een rots in de branding, waar het maar kan helpt hij haar. Ook met de speurtocht naar het testament, want waar kan dat zijn! Ze moet het vinden. Eén ding weet Maike namelijk zeker, haar ex, die advocaat is, zal het er niet bij laten zitten. Zijn dure levensstijl kost hem handen vol geld, een huis op een Waddeneiland kan heel wat opleveren. En het was zijn tante, hij had al het recht om de erfenis te krijgen, vindt hij. 

Serie

Alle personages krijgen in deze roman hun eigen stem, Maike, Florian, Jarik, Tessa, elk wordt gevolgd op het pad van hun leven. Het is hier en daar filosofisch, er is een redelijke portie romantiek, en er is vooral Spiekeroog. Het eiland is prominent aanwezig, betere reclame voor dit prachtige Waddeneiland is niet te vinden. ‘Het eilandhuis’ is de start van een serie met Spiekeroog in de hoofdrol. Het tweede deel is in Duitsland al verschenen, de vertaling zal vast niet lang op zich laten wachten.

8 oktober 2024

‘Het kleine heelal’ van Annejan Mieras

We zitten midden in de Kinderboekenweek, tijd dus om aandacht te schenken aan de winnaar van de Gouden Griffel. Raaf is met haar moeder neergestreken op een aftandse camping. Daar bewonen ze de stacaravan van de Barones, één van de zorgcliënten van haar moeder. Eerst moesten ze al hun fijne huis aan de Tomatenstraat verruilen voor een appartement boven de zaak van Fred. Het huis met de grote appelboom die zoveel appels gaf dat ze elke herfst potten vol met appelmoes hadden. Dat appartement was al niet leuk, maar de stacaravan is alleen maar oudbakken lucht en vreselijk klein. 

Oponthoud

En nu is haar vader Tony ook nog weg. Hij kwam niet thuis met zijn sleepwagen, “Oponthoud” zegt haar moeder telkens als ze ernaar vraagt. Raaf weet niet wat ze ervan denken moet. Als ze dan op school een aanvaring met haar juf heeft, loopt het helemaal mis, Raaf wordt geschorst. Zit ze daar alleen in die stacaravan, haar moeder moet ’s ochtends op tijd weg, een euro is er voor Raaf om iets lekkers te kopen. 

Geit

In de campingwinkel treft ze Ni-co-laas, hij gaat ook niet naar school. Even op pauze, een plannetje van zijn vader. ’s Ochtends doet hij de winkel, de rest van de dag is hij bezig met zijn geit, met zijn hut, en al heel snel ook met Raaf. Want Raaf wordt nieuwsgierig naar wat er nog meer op de camping is. De oude vervallen huisjes aan het Kometenlaantje. Het huisje waar de geit staat. De hut waar Nicolaas sterren kijkt. De grote loods waar de Pool Janek de baas is. Het staat Nicolaas niets aan dat ze overal rondsnuffelt. 

Ongeduld

Als Raaf met haar moeders telefoon haar vriendin Miracle belt, ziet ze dat er een bericht van Fred op staat. Over een onderhoudskoffer en dat hij Tony niet laat zitten. Hoezo niet laat zitten? Wat is er gaande? Wat mag ze allemaal niet weten? Raaf bruist van ongeduld en ongeloof. 

-jaapleest.nl

“’ Het kleine heelal’ is een verbluffend goed geschreven boek waarin alles lijkt te kloppen en kleine en grote thema’s vanzelf in elkaar schuiven. En het is nog grappig en spannend ook” aldus de conclusie van Jaap Friso op zijn website -jaapleest.nl. De website voor iedereen die ook voor  ‘Lees jezelf jong’ gaat!

1 oktober 2024

‘Frankie’ van Jochen Gutsch en Maxim Leo


Kater Frankie leidt een zwervend bestaan. Sinds de oude mevrouw Berkowitz door mannen in witte pakken een auto met lampen bovenop is binnengedragen en daarna niet meer terugkwam, zit er niets anders voor hem op. Hij bivakkeert meestal boven op een oude vuilnisberg. Een bad dat op de kop ligt is zijn schuilplaats. Frankie is een talenwonder. Hij kan met bijna iedereen praten, spreekt zelfs mensiaans. Dat laat hij niet merken aan de mensen, veel te bang dat ze hem…., tja wat zouden ze met hem kunnen doen?
 

Touw

Bijna dagelijks loopt hij naar het bos waar Poesjnelka Snorrilenko woont. Stiekem is hij verliefd op haar.  Daarbij komt hij langs het oude stille huis waar niemand woont. Maar vandaag is er iets vreemds aan de hand. Er is een man in het huis die met een touw speelt. Een prachtig touw, zo dik als Frankie het nog nooit gezien heeft. Frankie springt op de vensterbank om het beter te kunnen zien. Daar is de man niet van gediend. Hij schreeuwt tegen Frankie, komt dreigend op hem aflopen. Frankie is gefascineerd door het touw. Hij moet blijven kijken. 

Een nieuw thuis

De man komt naar buiten rennen, woedend pakt hij iets zwaars en gooit ermee naar Frankie. Het is raak, Frankie is bewusteloos. De man neemt hem mee naar binnen en belt, terwijl Frankie bijkomt, de dierenarts.  Die komt even later aanscheuren in haar witte autootje. Frankie is ondertussen genoeg bij zijn positieven om te besluiten het huis niet meer te verlaten. Hij heeft een nieuw thuis gevonden. Hij kruipt bij de man op de bank, sneakt naar boven, eigent zich het bed toe, niemand krijgt hem hier weg! 

Mensiaans

Omdat Frankie mensiaans kan en vergeet dat hij dat eigenlijk geheim moet houden, raakt hij met de man aan de praat. Het levert briljante conversaties op, Frankie verstaat wel alles wat de man zegt, maar begrijpen is vers twee. Zo zien we de mensenwereld door de ogen van kater Frankie. Het geeft kostelijke misverstanden, geweldige spraakverwarringen en pijnlijke situaties. Bovendien heeft Frankie over alles een mening. Het levert een heerlijk boek op, je leest het in één ruk uit. 

Gutsch en Leo zijn gerenommeerde journalisten die samen al verschillende titels op hun naam hebben. Dit is het eerste boek dat in het Nederlands verschijnt.

24 september 2024

‘Het geheime boek van Flora Lea’ van Patti Callahan Henry

Hazel Linden werkt in 1960 bij een antiquariaat maar het is haar laatste werkdag, ze gaat naar het beroemde veilinghuis Sotheby. Het is een fantastische uitdaging, al zal ze de gezelligheid van de winkel zeker gaan missen. De laatste klus in de winkel is het uitpakken van de post. Altijd weer spannend of er iets bijzonders of kostbaars bij zit. Vandaag zijn het een eerste druk, een handgeschreven brief van Hemmingway, een getekende druk van De Hobbit en een eerste druk van een geïllustreerd sprookje van de Amerikaanse auteur Peggy Andrews. 

Theems

Bij het zien van de eerste tekening begint haar hart al sneller te bonzen. Het is een rivier van sterren met twee meisjes ernaast. Als dan de titel van het boek zichtbaar wordt, is ze verbijsterd: Whisperwood and the River of Stars. Whisperwood, het geheime woud dat ze samen met haar jongere zusje Flora had bedacht. Waar ze hele verhalen mee gemaakt hadden, geheimzinnig en alleen bedoeld voor hun tweeën. Whisperwood dat met Flora in de Theems verdween, want in die rivier is ze verdronken. Nooit werd haar lichaam gevonden, hoe kan het dat er een boek over hun fantasiewereld verschenen is? Leeft Flora nog? Heet ze nu Peggy Andrews? Vragen, vragen, vragen! 

Knuffel

In 1940 verdween Flora. Zij en Hazel waren net als zoveel kinderen in Engeland aan de vooravond van WOII naar het platteland gestuurd. In Oxfordshire kwamen ze terecht bij een lieve gastvrouw met een tienerzoon, net zo oud als Hazel. Op een mooie zonnige oktoberdag gaan ze naar de rivier de Theems. En terwijl Hazel en Harry met andere dingen bezig zijn, verdwijnt Flora. Haar knuffel valt in het water, er wordt verondersteld dat Flora hetzelfde is overkomen. Het verdriet is onnoemelijk, Hazel voelt zich verschrikkelijk schuldig, ze had beter op moeten letten, dan was er niets gebeurd. En nu, twintig jaar later, staat door de vondst van het boek over Whisperwood haar hele leven op de kop! 

Patti Callahan Henry kwam in aanraking met het fenomeen Pied Piper, de regeringsoperatie waarmee in 1939 alle kinderen uit Londen naar elders werden overgebracht. “Weggestuurd vanwege de Duitse bommen, voorzien van bagagelabels om de nek en gasmaskers in de rugzak”. Met dit in gedachten begon ze deze sterke roman over liefde, trouw en familie.

17 september 2024

‘De zomer die alles was’ van Mariska Overman

Puca heeft zomervakantie. Ze is gelukkig weg uit groep acht, ze kijkt verlangend uit naar de middelbare. Op school werd ze gepest, vanwege haar naam, vanwege nog het één en ander. Ook omdat ze dieren begraaft. In het bos dicht bij haar huis. Haar klasgenoten vonden haar raar, punt uit. Thuis is het ook niet gezellig, haar jongere broer Toff is druk en zeer aanwezig. Dat heeft wel een naam maar die is Puca vergeten. Haar moeder zorgt voor hun tweeën, haar vader is meestal aan het werk in een koud land. En als hij wel thuis is, schreeuwt hij of is niet te genieten. Nu heeft hij bericht gestuurd dat ze naar zee gaan. Puca wil niet, Toff wil niet en eigenlijk wil hun moeder ook niet. 

Klok

Op een ochtend treft ze een jongen in het bos. Hij is nieuw in de straat, ze heeft hem wel eens gezien. Ze raken aan de praat, met hem kan ze gewoon praten. Hij vindt haar antwoorden normaal, kijkt haar niet aan alsof ze een freak is. Eerst is Puca wantrouwend, Rover gedraagt zich zo anders dan haar klasgenoten. Het lijkt te klikken, nu kan ze de dagen wat sneller doorkomen. De tijd ging zo langzaam, zes weken klokkijken of het al wat opschiet, dat is niet te doen. 

Vertragen

Maar voor Rover is het juist andersom. Hij wil de tijd vertragen, zo lang mogelijk over een dag doen. Die dag een beetje leuk doorbrengen. Hij maakt er geen geheim van waarom hij dat wil. Hij gaat namelijk dood, is terminaal ziek, iedere minuut telt voor hem. Puca en Rover trekken steeds meer met elkaar op. Door Rovers houding durft Puca de wereld beter aan. Ze komt veel bij hem, ook als het steeds minder met hem gaat. Een vriendschap die kort zal zijn maar voor Puca een wereld van verschil maakt. 

Kinderwereld

Mariska Overman is docent filosofie en levensbeschouwing. Samen met haar man maakte ze een kaartspel om met kinderen over de dood te praten. ‘De zomer die alles was’ is haar vierde jeugdboek. In een korte, bondige stijl leef je met Puca en Rover mee. Het laat je kennismaken met een kinderwereld die voor ons volwassenen vaak verborgen ligt. Het motto ‘Lees jezelf jong’ is hier dus zeker van toepassing.

10 september 2024

‘De geheimen van het Italiaanse eiland’ van Barbara Josselsohn

Mia is onderweg naar het huis van haar onlangs overleden grootmoeder Lucy. Voor het huis in de verkoop gaat wil Mia nog één nacht in het huis doorbrengen. In de trein ernaartoe overdenkt ze de afgelopen dagen. Mia’s moeder leeft niet meer, broers, zussen, ooms, tantes, ze zijn er niet. Het was altijd Lucy en Mia, Mia groeide zelfs op bij haar grootmoeder. Mogelijk is er nog familie in Italië, Lucy kwam in WOII als vluchteling naar de VS. Maar Mia weet daar niets over, Lucy was nooit scheutig met verhalen over haar jeugd. 

Trouwjurk

Na een heerlijke maaltijd met haar jeugdvriendin Erica arriveert Mia bij het huis. Het is niet alleen dat ze hier de nacht door wil brengen, ze moet ook op zoek naar iets wat haar grootmoeder voor haar achtergelaten heeft. Lucy was er altijd heel geheimzinnig over en Mia moet het zelf vinden. Na lang zoeken treft Mia een oude trouwjurk aan, eentje die haar oma niet gedragen heeft. Dat weet ze zeker. Er is een brief van de notaris over een oud kasteel in Italië en een sleutel van een opslagruimte. Nooit heeft haar grootmoeder met een woord gerept over een kasteel waar de familie belang bij had. Het raadsel rond Lucy wordt steeds groter, er zit voor Mia niets anders op dan naar Italië af te reizen! 

1943

In 1943 lijdt de Italiaanse bevolking al onder het oorlogsleed. Italië is de agressor tot in september de geallieerden het land binnen vallen en Duitsland zich tegen het land keert. Alle verhoudingen veranderen, zo ook voor de drie zussen Annalisa, Giulia en Emilia. Ze vluchten van het vasteland naar het eiland Parissi, hier hopen ze onderdak en familie te vinden. In de keuken van het kasteel daar is wel werk voor ze maar Annalisa heeft meer ambities. Ze probeert in contact te komen met de eigenaar die teruggetrokken in een deel van het grote kasteel woont.  Het lukt haar hem te spreken te krijgen en ze weet zijn vertrouwen te winnen. Maar is dat genoeg om ongeschonden de oorlog door te komen? 

Josselsohn weet de karakters in dit verhaal warmte en diepte mee te geven en dat op de lezer over te brengen. De roman is het eerste deel in een serie over de drie zussen.

3 september 2024

‘De vergeten buurttuin’ van Sharon Gosling

Luisa MacGregor is niet gelukkig met haar baan. Ze is in dienst van een bekende tuinontwerper, na de zoveelste kleinering is ze er wel klaar mee, maar wat dan? Ze is verbaasd en verrast door een telefoontje van de peetvader van haar overleden man. Hij heeft een groot bedrijf overgenomen voor projectontwikkeling. Daar hoort een lap grond bij waar niets commercieels mee te doen valt. Daarom stelt hij Luisa voor dat zij het kan ontwikkelen als een buurttuin. Een plan dat Luisa ooit met haar Reuben had. Eigenlijk heeft ze er niet veel zin in, haar zus Joanna weet haar echter te overtuigen het wel te doen. 

Treurig dorp

En zo vertrekt Luisa, nadat ze ontslag genomen heeft, op een morgen naar Collaton. Een treurig dorpje in het arme Noordwest Engeland. Waar iedereen het liefst zou willen vertrekken. Het stuk grond is ruw en overwoekerd met braamstruiken, het is een grote woestenij. Hoe kan Luisa hier ooit iets moois van maken? Aan het plein staat één gebouw dat nog in gebruik is. Het is een sporthonk, gerund door Cas. Hij is docent en probeert de kinderen van Collaton zo van de straat te houden. Want de verleidingen van drank en drugs zijn groot in dit verarmde dorp. 

Harper

Luisa gaat aan het werk, maakt een ontwerp, begint puin te ruimen en hoopt vrijwilligers te motiveren. Dat valt niet mee, de bevolking is afwijzend, alleen de jongelui van het sporthonk helpen soms mee. Ook is er Harper, zij heeft een taakstraf en kan die in de buurttuin volbrengen. Maar ze is ook druk, heeft de zorg voor haar broertje, werkt in een garage en leert voor haar eindexamen. In de spaarzame uren die ze wel in de tuin doorbrengt begint Luisa haar te waarderen, Ze ziet dat Harper pienter is, een doorzetter, ze kan een grote toekomst voor zich hebben! 

Maatschappelijk tintje

Door de ogen van Luisa, Cas, Harper en de dorpsbewoners zien we de buurttuin langzaam groeien. Ook dat de weerstand in het dorp niet misselijk is. Hoe brengt Luisa dit project tot een goed einde? Krijgt Harper de kans om te gaan studeren? En wat is de rol van Cas in dit geheel? Gosling geeft dit verhaal een nadrukkelijk maatschappelijk tintje, dat maakt het net wat anders dan de gemiddelde feel-good roman.

Klik hier voor de luisterboekversie van dit boek. 

27 augustus 2024

‘De redder’ van Mathijs Deen

In Engeland vindt een wandelaar in een grot aan de kust een stoffelijk overschot. Nou ja, wat ervan over is. Dat is niet veel, maar er is een duidelijk aanknopingspunt, de restanten zijn gehuld in een reddingsvest van een boot met de naam Pollux. Het is al snel duidelijk dat het gaat om een gezonken schip in het Waddengebied. Bij het redden van de bemanning waren zowel de reddingbrigades van Ameland als die van het Duitse eiland Norderney betrokken. Ameland bracht de meeste drenkelingen aan land, Norderney zorgde voor de kapitein en twee matrozen. Uiteindelijk werd de kapitein als vermist opgegeven. Dat alles vond zo’n twintig jaar geleden plaats. 

Rimbach

Brigadecommandant van de Marechaussee Geeske Dobbenga krijgt de zaak doorgespeeld. Ze is aan het afbouwen naar haar pensioen, dit zal haar laatste klus zijn. Aan Duitse kant wordt Liewe Cupido ingeschakeld. Maar hij is niet bij de les, zijn hoofd is bij een begrafenis op zijn geboorte-eiland Texel. Daarom wordt de jonge rechercheur Xander Rimbach opgeroepen, hij werkte al eens met Cupido aan een andere zaak, aan hem de opdracht hierin te duiken. 

Garnalen

Allereerst neemt hij contact op met de vermoedelijke dochter van de kapitein. Of zij DNA af wil staan. Dat weigert ze en ook haar moeder wil niet meewerken. Vervolgens gaat Rimbach naar Norderney om met een aantal oud-bemanningsleden van de reddingboot te praten. Veel wijzer wordt hij niet en na het eten van een broodje garnalen gaat hij onderuit en wordt per helikopter naar het ziekenhuis afgevoerd. Het schiet allemaal niet op. 

Dobbenga neemt Ameland voor haar rekening. Ook daar verschillende verhalen, ze kloppen niet met de Duitse versies van het logboek. Maar wie weet na twintig jaar nog precies hoe het allemaal gebeurd is? Nu zijn assistent uitgeschakeld is, moet Cupido zelf wel weer in touw komen. Met tegenzin gaat hij aan het werk. Hoe gaat hij dit volhouden, deze klus die hem zozeer met zijn eigen emoties confronteert? 

Waddenthriller

Mathijs Deen levert weer een puike Waddenthriller af. Hoe gecompliceerd het ook lijkt,  zeker omdat alle karakters afzonderlijk aan het woord komen. Toch is het een fascinerende verhaallijn die naar een onafwendbaar slot toewerkt. Deen kent het Waddengebied door en door, zijn liefde voor landschap en bewoners spat van elke bladzijde.

20 augustus 2024

‘O Pinokkio’ van Imme Dros en Carll Cneut

In de Volkskrant van zaterdag 4 augustus hield Ionica Smeets een pleidooi om je hele leven lang jeugdboeken te blijven lezen. “Lees jezelf jong’ was het motto en ik kan het daar alleen maar hartroerend mee eens zijn. Zij spreekt over haar ervaring hoe ze als student in een bibliotheek werkte en met het opruimen van al die kinderboeken gefascineerd raakte door de grote verscheidenheid en de kwaliteit van de jeugdboeken. Zelf heb ik ook een leven lang in de bibliotheek gewerkt en net als bij haar geldt voor mij nog steeds de aantrekkingskracht van een goed kinderboek. Daarom in deze rubriek in het vervolg meer aandacht voor deze fantastische tak van de literatuur. 

Nieuwe versie

Om te beginnen is er deze week het boek ‘O Pinokkio’. Neem de grand old lady van de Nederlandse jeugdliteratuur, voeg daarbij een Vlaamse illustrator van wereldfaam, geef ze een Italiaans sprookje in handen en een nieuwe versie van Pinokkio is geboren. Allemaal kennen we Pinokkio maar hoe ging dat verhaal ook alweer precies? Na het lezen van deze Pinokkio vergeet je dat nooit meer. 

Haasje

De oude timmerman Geppetto maakt speelgoed en op een dag komt er een houten pop onder zijn handen vandaan. Al tijdens het hameren begint de pop te jammeren, als hij klaar is, is het een marionet die uit zichzelf beweegt en praat. Ondeugend is hij ook, gooit alles om en moet nog heel veel leren. Leren luisteren, wat vandaag en morgen is, dat hij naar school moet. Op weg daarnaartoe komt hij langs het marionettentheater en laat zich naar binnen lokken. Zo raakt hij zijn vrijheid kwijt, belandt in heel veel avonturen, bijt van zich af, is vaak het haasje maar komt uiteindelijk weer goed terecht. 

Griffel of penseel

De zeggingskracht van het verhaal, de rijke taal die kort en puntig is, geen woord te veel en toch beeldend, wat een heerlijk boek levert dat op. Om voor te lezen (en voorlezen mag ook nog aan een twaalfjarige, daar is niets mis mee!), om zelf te lezen vanaf een jaar of acht. De bijzondere en krachtige illustraties van Carll Cneut geven een extra dimensie aan het verhaal. Dit boek is zeker een kanshebber voor een zilveren of gouden griffel en/of penseel in 2025.

13 augustus 2024

‘Boeken, thee & troost’ van Hika Harada

Sango Takashima verhuist van het kleine Obihiro naar Tokio om de boekenwinkel van haar overleden broer Jirõ voort te zetten. Hij is al een tijd geleden overleden, Sango moest eerst moed verzamelen om deze stap te zetten. Ze leest weliswaar veel, heel veel zelfs, maar tweedehandsboeken zijn een vak apart. De grote stad, het feit dat ze niets van winkelbeheer weet, dat helpt allemaal niet. Toch gaat ze, met een droef hart, haar familie en vrienden achterlatend. 

Nieuwsgierig

Gelijk de eerste dag komt haar nichtje Mikiki, die Japanse letterkunde aan de universiteit studeert, een kijkje nemen. Gestuurd door haar moeder die bezorgd is over Sango. Hoe zal zij zich, die niets van de wereld weet, in Tokio handhaven? Hoewel ze elkaar nauwelijks kennen, is er gelijk een band tussen Sango en Mikiki. Bovendien is Sango nieuwsgierig van aard, ze heeft al snel goed contact met de huurder van de bovenverdiepingen van het pand en ook met haar naaste buren die een koffietentje hebben. Over geld hoeft ze zich geen zorgen te maken, het pand is schuldenvrij en de huurinkomsten zijn goed. Dat er weinig klanten zijn, dat geeft dus niet. 

Luisterend oor

Mikiki komt steeds vaker in de winkel, soms wel elke dag. Als haar oudtante Sango even weg moet om iets te regelen, past Mikiki op de winkel. Ze nemen ook telkens lekkere hapjes voor elkaar mee. Voor lunch of avondeten. En als het zo uitkomt delen ze het ook met de klanten. Want Sango verkoopt niet alleen boeken, ze is vooral ook een luisterend oor voor de veelal jonge mensen die haar winkel bezoeken. Mikiki begint zelfs achterstand op te lopen met haar studie. De winkel is zoveel aantrekkelijker dan de colleges Japanse literatuur. In de winkel gebeurt het echt, er is een schat aan boeken, hier zou ze wel altijd willen zijn. 

Vormelijkheid

Wie iets meer over Japan, over de cultuur, het eten of de omgangsvormen wil weten moet zeker dit boek lezen. De Japanse vormelijkheid, de omgang met elkaar, krijgt in deze roman betekenis waardoor je het land en de mensen beter leert begrijpen. Ook het verschil in generaties, Harada laat afwisselend Sango en Mikiki aan het woord, wordt helder. Eerder kwam het boek ‘Sparen voor geluk’ van Harada al in Boek van de Week voorbij.

6 augustus 2024

‘Een moordgids voor antiekverzamelaars’ van C.L. Miller

Veertiger Freya werkt met plezier bij het Victoria en Albert Museum in Londen. Toch kijkt ze wel eens verlangend terug naar het begin van haar carrière, toen ze samen met Arthur, een vriend van haar tante Carole, op antiekjacht ging. Bij één zo’n jacht belandden ze in Caïro, waar haar vriendje Asim hen naar een fabriekje dat replica’s maakte leidde. Hij moest het met de dood bekopen, Freya vluchtte in paniek en Arthur was nergens te bekennen. Hierna heeft ze nooit meer met Arthur samengewerkt. 

Tante Carole

Maar nu belt haar tante Carole haar dat Arthur onder verdachte omstandigheden is overleden. Mogelijk was het een val van de trap, mogelijk is hij daarbij een handje geholpen. Of Freya met spoed naar Little Medlington wil komen. Eerst is Freya afwijzend, ze is verdrietig, haar dochter studeert sinds kort in de VS, de scheiding met haar man James wordt definitief nu hij hun gezamenlijke huis wil verkopen, Freya ziet haar toekomst somber in. Aan de andere kant kan ze tante Carole niets weigeren, haar tante stond altijd voor haar klaar en Arthur, die een antiekwinkel runde, is haar tantes beste vriend. 

Schone schijn

Tante Carole is verontwaardigd over de politie die de dood van Arthur af wil doen als een ongelukkige val van een oudere man. Zij is ervan overtuigd dat Arthur is vermoord. Ze wil dan ook samen met Freya op onderzoek uit. Freya sputtert eerst wat tegen maar gaat de volgende dag toch met tante Carole naar de tearoom van Agatha. Agatha is namelijk van alles wat er in het dorp omgaat op de hoogte. Hun verbazing is groot als ze van Agatha een brief krijgen, een brief van Arthur die hij een week geleden bij haar afleverde. De inhoud van de brief is verontrustend, Arthur weet zeker dat hij vermoord zal worden en geeft een aanwijzing hoe ze hun onderzoek kunnen beginnen.  Al snel zitten ze in een ingewikkelde zaak waarin schone schijn overheerst! 

Cozy crime

Cara Miller is de dochter van antiekkenner Judith Miller die verbonden is aan de BBC serie The Antique Roadshow. Zelf werkte ze ook in het antiek. Met deze kennis heeft ze een prima detective geschreven, cozy crime van de bovenste plank. Een tweede boek over Freya en tante Carole staat op de rol voor 2025.

30 juli 2024

‘Zij die achterbleef’ van Jean Kwok

Het is 2007, Jasmine is China en haar gewelddadige man ontvlucht en is op zoek naar een baantje. Zonder papieren is de kans op een degelijke baan uitzichtloos. Daarom loopt ze alle restaurants in Chinatown in New York af. Maar niemand zit te wachten op een serveerster of afwashulp. Bovendien verdient ze daar veel te weinig, ze moet haar schuld aan de slangenkoppen afbetalen. Als haar dat niet binnen afzienbare tijd lukt, zal ze voor hen moeten werken en dat is iets wat ze koste wat kost wil voorkomen. Tijdens haar strooptocht loopt ze Dawn tegen het lijf. Zij heeft dezelfde achtergrond en werkt in een beruchte nachtclub, gerund door Chinezen. Jasmine twijfelt, het lijkt haar vreselijk, maar het betaalt goed. Ze waagt het erop en solliciteert. 

Fifi

Rebecca werkt als redacteur voor de uitgeverij die ooit van haar vader was. Het is een keihard wereldje, grote auteurs binnenhalen, manuscripten redigeren, de concurrentie te slim af zijn, ze kan het maar het voelt lang niet altijd goed. Samen met haar man Brandon heeft ze een Chinees kindje geadopteerd. Brandon spreekt goed Chinees en omdat ze graag willen dat hun dochter Fifi haar wortels en culturele achtergrond leert kennen hebben ze een Chinese nanny in huis gehaald. Lucy, zo heet ze, is erg op zichzelf. Ze kan fantastisch met Fifi overweg maar buiten dat laat ze weinig van zichzelf zien. 

Wereld van verschil

Jasmine is een kiene jonge vrouw, ze is zich bewust van haar schoonheid, toch houdt ze die het liefst verborgen. Haar ex man Wen zal zeker naar haar op zoek zijn, ze vreest zijn toorn, ze weet hoe gewelddadig en berekenend hij is. 

Rebecca maakt de ene blunder na de ander, bovendien is er een oud-collega die haar bloed wel kan drinken. Als ze dan ook nog gaat twijfelen aan de huwelijkstrouw van haar man, raakt ze in een diepe poel van ellende. 

Ingenieus

Twee vrouwen in New York die niet meer van elkaar kunnen verschillen. Jean Kwok weet beide echt tot leven te brengen. Ze kent als insider de Chinese cultuur als geen ander, het zwijgen, de sociale controle, het gezichtsverlies. Ook de uitgeverswereld is haar na een aantal romans niet vreemd. Hoe ze de twee bij elkaar brengt is ingenieus en verrassend.

23 juli 2024

‘Rio’ van Jolanda Clément

Het is 1924 als inspecteur Eliades in een rustig district van São Paulo bij een lijk geroepen wordt, de man is duidelijk vermoord, doodgeschoten. Het is een dandyachtig type dat veel in de danshal te vinden was. Daar danste hij bijna dagelijks en Maria was zijn favoriete danspartner. Maar dat alles weet Eliades nog niet. De eerste dag tast hij nog in het duister. Als hij op weg naar huis zijn leven en kille huwelijk overdenkt, brengen zijn voeten hem ongemerkt naar het adres waar een jonge vrouw woont die mannen ‘ontvangt’. Na enig aarzelen belt Eliades aan, zij opent de deur en meldt hem dat het nu niet uitkomt. Maar binnenkort zal ze contact met hem opnemen. 

Danshal

Maria woont in een pension, vanuit haar kamer kan ze het huis van de doodgeschoten Rico zien. Vaak hebben ze samen gedanst en Maria heeft wel een oogje op hem. Ze heeft echter ook andere besognes, ze is op zoek naar haar vader die in Santos verdwenen is. Bovendien zoekt ze naar ander werk naast het dansen in de danshal waar ze voor betaald krijgt. Ze komt in een deftig huishouden terecht waar de vrouw des huizes de scepter zwaait. Eerst is het schoonmaakwerk maar als haar werkgeefster merkt dat Maria goed en netjes kan schrijven, veranderen haar werkzaamheden al snel in secretaressewerk. Ze vindt het geweldig. 

Heldhaftig

De rust in het district wordt ernstig verstoord als de jonge luitenants van het leger in opstand komen tegen het regime. Het politiebureau van Eliades, waar hij zich met zijn team heeft verschanst, wordt in puin geschoten. Na nog één heldhaftige daad besluit Eliades naar zijn fuzenda op het platteland te gaan. Zijn vrouw had hij weken ervoor al weggestuurd, niets staat hem in de weg iemand mee te nemen. En zo geschiedt het. 

Brieven

De twee verhaallijnen in deze roman lijken in het begin maar niet bij elkaar te komen. Dat is ongetwijfeld de opzet want de ontknoping en de verwevenheid van Eliades' wereld met die van Maria zijn zeer verrassend en zie je niet gelijk aankomen. Maria vertelt haar verhaal in haar dagboeken waarin ze brieven aan haar zus Artura schrijft. Eliades wordt door de auteur op de voet gevolgd. Al met al een heel bijzondere roman met een zeer verrassende ontknoping.

16 juli 2024

‘Het gat’ van Hye-young Pyun

Oghi opent langzaam zijn ogen en bedenkt dat hij in het ziekenhuis is. Samen met zijn vrouw is hij met de auto verongelukt, zij heeft het niet overleefd, hij ternauwernood. Hij kan niets in beweging krijgen, zijn armen niet, zijn benen niet, zijn mond is strak en stijf, lijkt wel dichtgesnoerd, alleen zijn ogen kan hij laten rollen. Een verpleegster neemt zijn bloeddruk op, hij ziet het, maar voelt niets. 

Tolk

De arts die hem onderzoekt drukt hem op het hart dat hij door wilskracht vooruit kan gaan, medisch gezien kunnen ze weinig voor hem doen. En zo belandt Oghi uiteindelijk weer in zijn eigen huis, onmachtig om te praten, alleen met het knipperen van zijn ogen kan hij communiceren.  Het is zijn schoonmoeder die alles voor hem regelt. Een inwonende verpleegster, fysiotherapie, iedereen praat tegen hem, antwoorden kan hij niet, zijn schoonmoeder neemt de taak van tolk op zich. 

Ambities

Al die tijd overdenkt Oghi zijn vorige leven. Hoe hij studeerde aan drie universiteiten in Zuid-Korea, hoe hij opklom in zijn vak als cartograaf, dankzij Google Earth steeds meer buiten zijn werk optrad als deskundige op congressen en gastcolleges gaf. Zijn vrouw had ook ambities. Ze wilde journalist worden, auteur, elke twee jaar was er een nieuwe poging iets tot stand te brengen, altijd mislukte het. Uiteindelijk stort ze zich op de tuin bij hun huis. Leest alles wat los en vast zit, maakt er haar paradijsje van. Met weemoed denkt Oghi eraan terug. 

Ommekeer

Nu is hij overgeleverd aan zijn schoonmoeder. Haar heeft hij in hun verkeringstijd leren kennen als een sophisticated lady, iemand die voor hem onbereikbaar was. Maar ze is veranderd, kan losgaan als een viswijf, brullen als een gewond kind. Oghi verbaast zich om die ommekeer, wat is er in haar gevaren? Toch blijft hij doorzetten, het zou hem toch moeten lukken eindelijk weer een hand of een been in beweging te krijgen. Hij wil weer terug naar zijn oude baan, in een rolstoel desnoods, hij geeft niet op! Nooit! 

Een heel bijzonder boek, dat is ‘Het gat’, merkwaardig hoeveel je van iemand, die niets meer kan, over het leven in Zuid-Korea opsteekt. Het gebeurt bovendien niet vaak dat je een uit het Koreaans vertaald boek leest. Het smaakt in elk geval naar meer.

9 juli 2024

‘Knieval’ van Henk Spaan

Notities bij het opkrabbelen, zo omschrijft Spaan zijn boek, en dat is letterlijk wat hij heeft gedaan na een lelijke val in zijn huis in Frankrijk. Hij klapte van een lullig klein trappetje af, twee treetjes tussen de woonkamer en de keuken. Meer was het niet, maar wel genoeg om de kniebanden en pezen van beide knieën af te scheuren. Hulpeloos en reddeloos ligt hij op de grond, kan niet in de benen komen, het enige dat erop zit is 112 te bellen. Het is bijna middernacht en in het weekend, de ambulance brengt hem naar het ziekenhuis in Tulle, er worden foto’s gemaakt, er is niets gebroken. Met wat morfine moet hij maar wat proberen te slapen. Zijn vrouw Harriët mag vanwege COVID niet bij hem zijn, angstig rijdt ze in een dichte mist naar huis. 

Gênant

Pas maandag begint het circus. Allereerst de Europeesche Verzekering die is ingelicht. Ontelbaar vele vragen hebben ze, maar goed, het meeste wordt vergoed. De orthopeed komt langs, de knieën zijn inmiddels opgezwollen tot dikke meloenen, Er moet geopereerd worden, twee chirurgen die elk een knie voor hun rekening nemen. Voor zijn hygiëne is hij helemaal overgeleverd aan het verplegend personeel. Plassen en poepen kan hij niet zonder hulp. Het voelt akelig en gênant, om voor elk wissewasje helpende handen in te moeten roepen. 

Stevig doorpakken

Na een tijd in het ziekenhuis gaat Spaan naar huis. Een ziekenhuisbed is geregeld, Harriët heeft de apotheek leeggekocht en een hele stoet hulpverleners komt langs. Thuiszorg, fysiotherapie, er wordt hard gewerkt. Vooral de fysiotherapie kost veel energie, is pijnlijk, er wordt geregeld gevloekt en gescholden. Maar het moet, wil Spaan nog ooit zijn knieën weer willen kunnen buigen (en kunnen lopen en autorijden), dan moet er stevig doorgepakt worden. 

Speels

Ondertussen blijft Spaan gewoon zijn stukjes voor de krant schrijven en maakt hij aantekeningen bij het genezingsproces. Door zijn ogen zien we hoe Harriët als mantelzorger bijna onderuitgaat, leren we de buren kennen, kijken met verbazing naar de schoonmaakster, kortom Spaan deelt het hele proces met ons.  Het is genieten van zijn speelse en soms sarcastische stijl, hij spaart zijn hulpverleners niet, maar kijkt ook kritisch naar zichzelf. Voor wie zelf revalideert of mantelzorger is, zijn deze notities zeker een aanrader.

2 juli 2024

‘Morisaki’s boekwinkel’ van Satoshi Yagisawa

Takako zit in zak en as, haar vriend en collega Hideaki kondigt doodleuk aan dat hij volgend jaar gaat trouwen met een meisje dat op een andere afdeling werkt. Takako is in shock. Uit schaamte en verdriet neemt ze ontslag, maar ja, hoe moet het dan verder? Geen inkomen meer, wel de dure huur betalen, dat gaat niet lukken. 

Zwarte schaap

Als ze schoorvoetend haar moeder over haar situatie vertelt krijgt ze twee opties: of weer naar huis komen of bij haar oom Satoru intrekken. Satoru, het zwarte schaap van de familie die na zwerftochten over de hele wereld uiteindelijk toch de boekwinkel van zijn vader overnam. Ze kiest voor het laatste. Vertrekt naar de wijk Jinbocho, een wijk vol met boekwinkels. De meeste antiquarisch, zo ook de winkel van oom Satoru. Als ze haar oom een handje helpt in de winkel, kan ze er gratis wonen. 

Radeloos

Veel omzet heeft de winkel niet, ze zit zich vaak te vervelen en pakt zo nu en dan een boek op om te lezen, die oude literatuur bevalt haar wel. Als oom Satoru in de loop van de dag verschijnt heeft ze interessante gesprekken met hem. Over de tijd dat hij in Parijs woonde, daar zijn vrouw Momoko ontmoette met wie hij nu al jaren getrouwd is. Maar ze is vertrokken, heeft hem radeloos achtergelaten, vijf jaar is ze al uit beeld. 

Spion

’s Avonds gaat ze vaak koffiedrinken in het buurtcafé. Ze heeft er mooie gesprekken met de chef, met de man in de keuken en met Wada. Knappe man, belezen, attractief. Met hem zou ze wel wat meer willen. Of toch ook niet? Na een halfjaar vertrekt ze helemaal opgeknapt naar een nieuwe bestemming. Het is maanden later dat haar oom haar opbelt, Momoko is terug. Out of the blue kwam ze de winkel binnenlopen en woont nu op de zolder boven de winkel. Takako is met stomheid geslagen maar ook vreselijk nieuwsgierig. Als een spion van oom Satoru probeert ze haar tante uit te horen. Waar ze al die tijd geweest is, wat ze gedaan heeft. Ze wordt niets wijzer. 

Morisaki’s boekwinkel is een boek waarvan je na twee bladzijden al weet dat je het met veel plezier uit gaat lezen. Lichte toon, krachtige zinnen, warme reflecterende karakters, mooie verhaallijn, een heerlijk boek.

25 juni 2024

‘De droom die we delen’ van Sadeqa Johnson

Philadelphia, eind jaren veertig van de vorige eeuw. Ruby groeit op in een achterstandswijk in het noorden van de stad. Haar moeder was heel jong toen ze haar kreeg, de eerste jaren van haar leven heeft ze bij haar grootmoeder gewoond. Maar die werd blind en op haar zesde ging ze terug naar haar moeder. 

Beurs

Ruby kan goed leren, als jonge tiener wordt ze toegelaten tot het We Rise programma, wat haar een beurs voor de universiteit op kan leveren. Dat betekent hard studeren en elke zaterdag naar school. Elke zaterdag met de bus naar het zuiden van de stad. Elke zaterdag, totdat haar moeder vergeet het busgeld klaar te leggen, Ruby het aan haar moeders vriend moet vragen en hij daar misbruik van maakt. Ruby wordt het huis uitgezet, naar tante Marie gestuurd. Daar leert ze Shimmy kennen, de zoon van hun huurbaas. Ze raken verliefd, ook al weten ze dat ze nooit met elkaar verder kunnen. 

Miskraam

Eleanor is opgegroeid in een kleine stad in Ohio. Haar ouders werken zich het schompes om haar aan de Howard Universiteit in Washington D.C. te laten studeren. Om zelf ook financieel bij te dragen werkt ze in de universiteitsbibliotheek. Daar leert ze William Pride kennen, hij zit vaak in de bibliotheek te studeren. Het klikt tussen hun tweeën, ze worden een stel. Maar wat Eleanor zich niet gerealiseerd heeft is dat William tot een invloedrijke familie behoort met een vader en grootvader als arts. Zijn moeder is tegen zijn omgang met een arm meisje, ze neemt elke gelegenheid te baat om haar mening te ventileren. Als Eleanor zwanger raakt trouwen ze, maar spoedig daarna is er een miskraam. Williams moeder blijft stoken, is hij mans genoeg om Eleanor te blijven steunen? 

Emancipatie

Sadeqa Johnson heeft de inspiratie voor deze roman gehaald uit het feit dat haar grootmoeder als veertienjarige zwanger werd van haar moeder.  Het overkwam veel meisjes in die tijd, de meesten werden naar een tehuis gestuurd om daar de bevalling af te wachten en hun baby gedwongen af te staan voor adoptie. Daarnaast ziet Johnson het als haar missie de geschiedenis en de emancipatie van zwarte vrouwen vast te leggen in romanvorm. Daarmee is ze met dit fascinerende en ontroerende verhaal meer dan geslaagd.

18 juni 2024

Jo’ van Judith Herzberg

“De allergrootste liefde van mijn hele leven, dat weet ik nu zo langzamerhand wel zeker, was de liefde voor Jo”. Dat is de openingszin van dit kleine pareltje van Judith Herzberg. Toen Herzberg in 1934 geboren werd, kwam Jo in haar leven. Jo was er om het eten te koken en het op te dienen, Jo maakte schoon, Jo waste de luiers, kortom Jo was er altijd. Jo gaf haar veel aandacht, zonder al te sentimenteel te worden. Jo was de vaste waarde in haar leven. 

Barneveld

Dat blijkt helemaal als de oorlog uitbreekt en Judith met haar ouders en grote broer en zus in het kamp De Biezen in Barneveld terecht komt. Elke dinsdag komt Jo vanuit Amsterdam om eten en andere dingen te brengen. Ze zien elkaar door het hek, altijd heeft Jo iets bijzonders weten te maken. Als in 1943 het kamp ontruimd wordt en de gevangenen naar Westerbork worden afgevoerd, weten Judith en haar grote zus en broer te ontsnappen. Ze liggen verstopt in een greppel, en Jo is die dag, het was geen dinsdag, spontaan naar Barneveld afgereisd. Op het station ziet ze Jaap, een boer uit de omgeving die ervoor zorgt dat de kinderen ergens kunnen overnachten. Jo neemt vervolgens Judith mee naar Amsterdam. 

Mien Ruys

Ze komen de oorlog door, maar een huis hebben ze niet meer. Ze worden uitgenodigd bij de zuster van Mien Ruys, van de tuinen in Dedemsvaart,  in Amsterdam te komen logeren. Langzaam komt het gewone leven terug, Jo is er nog steeds maar werkt nu bij Wiardi Beckman, haar rol in Judiths leven wordt kleiner.  Judith trouwt, krijgt twee kinderen en werkt aan haar literaire carrière. In 1991 krijgt ze een envelop van Jo. Daarin alles wat Jo uit Judiths kindertijd bewaard heeft. 

Vervaagd

Hertzberg denkt met grote dankbaarheid terug aan Jo. Aan haar heeft ze haar leven te danken. Maar waarom heeft ze niet meer gevraagd! Waarom niet aangedrongen nog eens bij Jo op bezoek te gaan? Ook al wilde Jo daar niets van weten. Nu zijn herinneringen vervaagd, niet meer duidelijk. Toch blijft Jo de belangrijkste figuur in haar leven. Niets of niemand zal daar ooit verandering in kunnen brengen!